Uitspraak
Vonnis van 25 juni 2024
2. [eiser 2] ,
de stichting STICHTING YMERE,
De procedure
De feiten
De vorderingen
Het verweer
De beoordeling
€ 68,00(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Amsterdam
De huurders van een sociale huurwoning aan de Oostelijke Handelskade in Amsterdam vorderen dat woningcorporatie Ymere de door hen aan derden betaalde kosten voor het gebruik van een warmtepomp vergoedt. De warmtepomp was bij aanvang van de huurovereenkomst aanwezig en maakt deel uit van een collectieve warmte-koudeopslaginstallatie (WKO-installatie).
Ymere betwist dat de warmtepomp onderdeel is van het gehuurde en stelt dat het een roerende zaak betreft die los van de woning verhuurd wordt. De rechtbank beoordeelt dat de warmtepomp, gelet op de constructie, het gebruikelijke uitrustingsniveau van de woning vormt en onroerende aanhorigheid is in de zin van artikel 7:233 BW Pro. Hierdoor behoren kapitaals- en onderhoudslasten tot de kale huurprijs.
De rechtbank oordeelt dat Ymere deze kosten moet dragen en dat de huurders daardoor niet dubbel betalen. De vordering tot vergoeding van de kosten vanaf 31 januari 2018 wordt toegewezen, evenals de buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten. De vordering voor kosten van vóór die datum is verjaard.
De uitspraak benadrukt het dwingendrechtelijke karakter van het huurrecht en sluit aan bij eerdere jurisprudentie, waaronder het arrest Acantus van de Hoge Raad. De rechtbank wijst het meer of anders gevorderde af.
Uitkomst: Ymere moet de door huurders betaalde kosten voor de warmtepomp vergoeden en deze kosten dragen binnen de huurprijs.