ECLI:NL:RBAMS:2024:4890
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- T.L. Fernig - Rocour
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen omgevingsvergunning parkeerkelder Amsterdam
Verzoekers hebben beroep ingesteld tegen de aan een derde-partij verleende omgevingsvergunning voor het bouwen van een parkeerkelder en vroegen om een voorlopige voorziening om de vergunning te schorsen. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 22 juli 2024 en concludeerde dat de vergunning naar voorlopig oordeel rechtmatig is.
De vergunning is verleend voor het bouwen van een parkeerkelder die grondwaterneutraal kan worden gerealiseerd, ondersteund door geohydrologische rapporten en een toetsing door Waternet. Verzoekers betoogden dat de onderzoeken onvoldoende zijn en dat cumulatieve effecten niet zijn onderzocht, maar zij konden dit niet met een deskundig tegenrapport onderbouwen.
Verder was er discussie over de noodzaak van een funderingsonderzoek voorafgaand aan vergunningverlening en over moties van de gemeenteraad. De voorzieningenrechter oordeelde dat toezeggingen van wethouder en stadsdeelvoorzitter niet inhielden dat vergunningverlening moest worden opgeschort. Ook het feit dat een ontwerpbestemmingsplan nog niet is vastgesteld, stond de vergunning niet in de weg.
Gezien het spoedeisend belang en de voorlopige rechtmatigheid van het besluit, wees de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Dit betekent dat de vergunning niet wordt geschorst en dat de werkzaamheden kunnen aanvangen zodra de vergunning in werking treedt.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de omgevingsvergunning voor de parkeerkelder wordt afgewezen.