Uitspraak
1.De procedure
- het proces-verbaal van het mondelinge antwoord
- de conclusie van repliek, met producties.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Amsterdam
Op 28 maart 2025 maakte de gedaagde gebruik van de parkeergarage van Q-Park en betaalde het parkeergeld niet. Q-Park vorderde betaling van €22,00 parkeergeld en €382,41 schadevergoeding wegens het zogenoemde treintje rijden, waarbij de gedaagde achter een voorganger onder de slagboom doorreed zonder geldig parkeerbewijs.
De gedaagde betwistte niet dat hij treintje had gereden, maar stelde dat zijn parkeerkaart was ingeslikt en dat hij het dagtarief van €60,00 moest betalen, wat hij onredelijk vond omdat hij slechts twee uur geparkeerd had. Q-Park bood echter de mogelijkheid tot restitutie van teveel betaald parkeergeld.
De kantonrechter oordeelde dat de algemene voorwaarden van Q-Park, waaronder de schadevergoeding en het tarief voor verloren kaart, niet oneerlijk zijn. Het verweer van de gedaagde werd verworpen omdat hij de instructies van Q-Park niet opvolgde en treintje rijden niet gerechtvaardigd is.
De vorderingen van Q-Park werden toegewezen, inclusief wettelijke rente vanaf 28 maart 2025 en buitengerechtelijke incassokosten van €60,66 met rente vanaf de dag van dagvaarding. De gedaagde werd tevens veroordeeld in de proceskosten van €460,78. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van parkeergeld, schadevergoeding, incassokosten en proceskosten wegens treintje rijden in de parkeergarage.