De rechtbank Amsterdam behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van medeplegen van het onjuist gebruiken van het gewasbeschermingsmiddel Vydate 10G bij de teelt van vlinderorchideeën. Het middel werd niet volgens de gebruiksvoorschriften toegepast, namelijk door het te mengen met bulgur en over de planten te strooien in plaats van via potgrondbehandeling vóór het oppotten.
De rechtbank oordeelde dat het ten laste gelegde feit bewezen was, met uitzondering van het toevoegen aan de bark, waarvoor verdachte partieel werd vrijgesproken. Verdachte handelde met opzet en was verantwoordelijk voor de toepassing binnen de onderneming. Er was sprake van medeplegen met de betrokken bedrijven.
Hoewel het gebruik van Vydate tot september 2022 plaatsvond, werd vastgesteld dat verdachte en de medeverdachten wisten dat het gebruik niet volgens voorschrift was. De rechtbank concludeerde dat verdachte als uitvoerder handelde en dat de rechtspersonen en feitelijk leidinggevers veroordeeld werden. Gezien zijn pensioen en de milieubewuste houding van de onderneming vond de rechtbank dat het opleggen van een straf aan verdachte geen redelijk strafdoel diende.
Daarom werd verdachte vrijgesproken van straf, ondanks bewezen overtreding van de wetgeving omtrent gewasbeschermingsmiddelen. De zaak werd gelijktijdig behandeld met soortgelijke zaken tegen medeverdachten.