ECLI:NL:RBAMS:2025:3226

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
25 april 2025
Publicatiedatum
19 mei 2025
Zaaknummer
13/002977-21 (verlenging PIJ 2025)
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:6:31 SvArt. 14 Besluit tenuitvoerlegging jeugdstrafrecht 1994
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging van de PIJ-maatregel voor jeugdige met positieve ontwikkeling en matig recidiverisico

De rechtbank Amsterdam behandelde op 25 april 2025 de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de PIJ-maatregel van een jeugdige die in 2021 was veroordeeld tot plaatsing in een inrichting voor jeugdigen. De maatregel was eerder verlengd tot maart 2025. De rechtbank nam kennis van het advies van 27 december 2024 en het scholings- en trainingsprogramma (STP) plan van 20 december 2024.

De jeugdige woont zelfstandig, werkt als koerier en focust zich op familie en geloof. Hij werkt aan het afronden van zijn vmbo-t diploma en het vinden van een vaste baan om schulden af te lossen. De gedragswetenschapper en reclasseringswerkers rapporteerden een gestage positieve ontwikkeling, maar er blijft een matig recidiverisico bestaan.

Gezien de veiligheid van derden en de verdere ontwikkeling van de jeugdige acht de rechtbank verlenging met vijf maanden noodzakelijk om het STP zorgvuldig te kunnen afronden. De jeugdige stemde in met de verlenging om toe te werken naar de voorwaardelijke beëindiging van de maatregel. De maatregel zal voorwaardelijk eindigen op 21 juli 2025 en onvoorwaardelijk op 21 juli 2026.

De rechtbank besloot de vordering toe te wijzen en verlengde de PIJ-maatregel met vijf maanden. De zitting vond plaats in raadkamer met gesloten deuren, waarbij de jeugdige, zijn raadsman, de officier van justitie en betrokken gedragswetenschapper en reclasseringswerkers aanwezig waren.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de PIJ-maatregel met vijf maanden tot 21 juli 2025.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK AMSTERDAM

Team Familie & Jeugd
Parketnummer: 13/002977-21
Beslissing op de op 14 januari 2025 ter griffie van deze rechtbank ingekomen vordering van de officier van justitie in het arrondissement Amsterdam in de zaak tegen:

[veroordeelde] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2004,
verblijvende bij [verblijfplek] ,
[adres verblijfplek] .
die bij vonnis van deze rechtbank d.d. 22 juli 2021 werd veroordeeld tot de maatregel van
plaatsing in een inrichting voor jeugdigen (hierna ook: de PIJ-maatregel).
De PIJ-maatregel is laatstelijk bij beschikking van deze rechtbank d.d. 15 maart 2024 voor de tijd van twaalf maanden verlengd.
De inhoud van de vordering.
De vordering van de officier van justitie strekt tot het verlengen van de termijn van de PIJ-maatregel met vijf maanden.
De procesgang.
De rechtbank heeft kennis genomen van de stukken in de zaak met bovenvermeld parketnummer, waaronder:
  • het op 27 december 2024 op grond van artikel 14 van Pro het Besluit tenuitvoerlegging jeugdstrafrecht 1994 uitgebrachte advies, strekkende tot verlenging van de PIJ-maatregel met vijf maanden, alsmede de daarbij overgelegde aantekeningen;
  • het op 20 december 2024 uitgebrachte STP-plan.
De rechtbank heeft op 25 april 2025 de vordering in de raadkamer met gesloten deuren behandeld.
Verschenen en gehoord zijn:
  • mr. J.M. Pauwelussen, officier van justitie;
  • de veroordeelde [veroordeelde] , bijgestaan door zijn raadsman mr. W.K. Cheng;
  • mw. [naam 1] , werkzaam als gedragswetenschapper verbonden aan [JJI] ;
  • mw. [naam 2] werkzaam als reclasseringswerker;
  • mw. [naam 3] , werkzaam als reclasseringswerker.
De standpunten
Voor de standpunten wordt verwezen naar het proces-verbaal van de behandeling van de vordering in raadkamer.
De beoordeling.
Gelet op voormeld advies, het verhandelde in raadkamer en artikel 6:6:31 van Pro het Wetboek van Strafvordering, is de rechtbank van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen en een zo gunstig mogelijke verdere ontwikkeling van [veroordeelde] eisen dat de termijn van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor jeugdigen met vijf maanden wordt verlengd.
De rechtbank stelt vast dat het goed gaat met het scholings- en trainingsprogramma (STP) van [veroordeelde] . Hij woont zelfstandig bij [verblijfplek] in [plaats] en werkt als koerier bij [bedrijf] . [veroordeelde] heeft weinig sociale contacten en focust zich op zijn familie en het geloof. Op dit moment werkt hij aan het vinden van een vaste baan, onder meer om zijn schulden als gevolg van het indexdelict af te kunnen betalen. De rechtbank spreekt de hoop uit dat [veroordeelde] de laatste vakken van het vmbo-t afrondt zodat hij het diploma behaalt.
[veroordeelde] heeft ter zitting aangegeven zich te kunnen vinden in de gevorderde verlenging van vijf maanden om toe te kunnen werken naar de voorwaardelijke beëindiging van de PIJ-maatregel. Uit het verlengingsadvies komt naar voren dat [veroordeelde] een gestage positieve ontwikkeling doormaakt en dat er nog een matig recidiverisico bestaat. Om het STP zorgvuldig te kunnen doorlopen is een verlenging van vijf maanden op dit moment aangewezen. Het is de komende tijd van belang dat [veroordeelde] om leert gaan met het verkrijgen van meer vrijheid door met de autoriteiten samen te werken en open te zijn over de uitdagingen die de toename van meer vrijheid met zich zal brengen.
De maatregel zal behoudens verdere verlenging en eventuele tussentijdse
opschortingsperiodes, voorwaardelijk eindigen op 21 juli 2025 en onvoorwaardelijk
eindigen op 21 juli 2026.
De rechtbank beslist dienovereenkomstig.
Beslissing.
De rechtbank:
Wijst de vordering van de officier van justitie toe en verlengt de termijn van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor jeugdigen van
[veroordeelde]voornoemd met
vijf maanden.
Deze beschikking is gegeven door
mr. I.M. Nusselder voorzitter tevens kinderrechter,
mrs. M. van der Kaay en R.H. Mulderije, rechters,
in tegenwoordigheid van T. Bongenaar griffier
en uitgesproken tijdens de openbare raadkamer op 25 april 2025.