De rechtbank Amsterdam heeft op 8 mei 2025 uitspraak gedaan over de vordering van de officier van justitie tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uit Spanje. Het EAB is uitgevaardigd door de Section 3 of the Provincial Court of Málaga en betreft de overlevering van een persoon geboren in Spanje in 1989, die zonder vaste verblijfplaats in Nederland is gedetineerd.
Tijdens de zitting was de opgeëiste persoon aanwezig, bijgestaan door zijn raadsman en een Spaanse tolk. De rechtbank heeft de wettelijke termijn voor uitspraak met 30 dagen verlengd en de gevangenhouding bevolen tot sluiting van het onderzoek.
Het EAB betreft ernstige strafbare feiten, namelijk seksuele uitbuiting van kinderen en kinderpornografie, die in Spanje zijn strafbaar gesteld met een vrijheidsstraf van ten minste drie jaar. Hierdoor is een onderzoek naar dubbele strafbaarheid niet vereist. De rechtbank concludeert dat het EAB voldoet aan de wettelijke eisen en dat er geen weigeringsgronden zijn die overlevering in de weg staan.
De rechtbank besluit daarom de overlevering van de opgeëiste persoon aan Spanje toe te staan voor de in het EAB omschreven feiten. Tegen deze uitspraak is geen gewoon rechtsmiddel mogelijk.