Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
beschikking van de kantonrechter
[verzoekster]
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid SFI MARKETS B.V.
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Feiten
24 mei 2024, waarin haar een aanbod is gedaan om in dienst te treden, is onder meer vermeld:
“Bonus Discretionary based on performance (..)Extra - Relocation fee of EUR 4.000,- net (..)*- Assistance to apply for 30% ruling (worth EUR 350,-)*- Accommodation for the first month of your employment (worth EUR 3.500,-)*- Visa application (worth EUR 900,-) (..)** In case of early termination of the first employment contract these costs need to be repaid by [verzoekster] . Signing this offer means that you read and understood this condition. (..)”
“is there any further language around the bonus that you can share with me? Limits/conditions/clawback clausules etc”Waarop SFI heeft geantwoord:
“The bonus is discretionary depending on your results/achieved goals.”
- revenue: min. 150-200K in generated revenu from [verzoekster] ’s accounts- onboard 18+ active trading accounts (3 per month) on SFI platform
[naam 6] (managing partner van SFI) geschreven:
“(..) I had a sit down with [verzoekster] and we agreed on the following points:• She agreed to a more “discretionary formula” for her compensation.• PnL target will be 600k for next book year and 800k+ PnL contribution the following year.• She agreed that PnL contribution is determined at my discretion (not a “fixed” formula), I will inform her of her progress on a quarterly basis. (..)Looks like we have a consensus on how to move forward on the matter, there will not be anymore discussions on this matter for the foreseeable future. (..)”
“Following our discussion today, we want to formally confirm the terms regarding the conclusion of your employment with SFI Markets.”Daarna is opgesomd dat [verzoekster] vanaf dat moment was vrijgesteld van werk, dat ze in dienst bleef tot 1 september 2025 en tot die datum salaris met vakantietoeslag en -uren kreeg doorbetaald, dat het dienstverband niet werd verlengd en dat de lening van € 5.000,- niet hoefde te worden terugbetaald. Verder schreef [naam 4] :
“Previously, we had asked you to respond by Thursday, however, our decision regarding the conclusion of your employment is final. (..) To clarify, our decision is not based on differences in expectations regarding monetary matters. Over time, there have been multiple allegations and tensions, which have resulted in an irreparable breakdown in the working relationship. Given this, we believe that continuing the employment relationship is no longer viable. (..) We acknowledge your email (..) sent after our discussion today (..). However, we donot confirm agreementwith any of these statements. (..)”
“(..) To date, I have not pursued damages for the company’s repeated breaches of contract, employment law, and statutory duties – breaches which resulted in nearly six figures of lost annual income, exposed me to potential immigration and tax fraud offences, and were swiftly followed by retaliatory action in response to good faith efforts to resolve matters.Any competent employment or whistleblowing counsel will confirm that I am well within my rights to do so.(..) You are fully aware that I am now being forced to seek legal recourse due to conduct I reported in good faith. (..) I therefor request immediate confirmation that the company will fund appropriate legal advice to allow me to engage with this process fairly and protect my rights. Please also be advised that I reserve the right to bring this matter to the attention of the relevant external authorities, including the Dutch Whistleblowers Authority and, where applicable, the tax and immigration authorities, should it become necessary to ensure appropriate accountability. (..)”
(..) During this call, Mr. [naam 3]unambiguously attempted to intimidate me out of pursuing my rights via financial and legal threats. He made it clear that if I continue to pursue the legal breaches and whistleblower concerns I have already reported, the company would:• Withdraw my salary (..)• Reinstate the € 5.000,- loan repayment (..)• Retract the promised positive reference (..)Let me be absolutely clear:This was a direct, conditional, and unlawful verbal threat.It was an act of retaliation, intended to intimidate me – a whistleblower – into silence, rather than confronting the internal conduct that has resulted in whistleblowers being created within the company.[verzoekster] heeft verder geschreven dat zij documentatie en opnames had die meerdere gevallen van serieus wangedrag van medewerkers van SFI ondersteunden en zij heeft voorbeelden genoemd waarbij opnieuw [naam 1] en [naam 3] werden aangehaald. [verzoekster] heeft tot slot verzocht om uiterlijk 4 april 2025 te bevestigen dat haar juridische kosten werden gedekt en dat [naam 3] verklaringen niet die van SFI weerspiegelden, bij gebreke waarvan zij het Huis van Klokkenluiders, de AFM, de DNB, de relevante immigratie- en belastingautoriteiten en andere regelgevende kanalen zou inschakelen.
24 uur zou laten weten dat zij de inhoud van dat gesprek niet accepteerde, de afspraak over het kwijtschelden van de lening van € 5.000,- en doorbetaling salaris tot 31 augustus 2025 zou bevestigen en haar juridische bijstand zou aanbieden, waarbij [verzoekster] dacht aan een bedrag van € 5.000,-.
”You have untill 19:00 CET. I will not explain this again.”
e-mail gestuurd met in de bijlage een geluidsfragment van het telefoongesprek met [naam 3] , waarin onder meer is vermeld:
“You have not seen me in the office since 1 April 2025. This isnotdue to misconduct, underperformance, or any breach on my part. It isbecause I made a protected whistleblowing disclosure under de Wet bescherming klokkenluiders(..), concerninginstructions to commit immigration and tax fraud, as well as seriousmisrepresentations by [naam 1] to induce me into signing a contract, resulting in a six-figure loss to my salary.Attached (..):A recording of senior partner[naam 3](..) deliveringverbal threatsto me, a whistleblower, during an unsolicited phone call on 3 april 2025.”Verder heeft [verzoekster] in de e-mail onder de kopjes “
What I Reported and Why I Was Removed”,“
What Happened Next”, “
The Response of a Regulated Financial Institution: Silence, Threats, and Public Erasure”en “
Current Status”- kort gezegd - uiteengezet wat er volgens haar allemaal mis is bij SFI. Zij besluit het bericht met een oproep aan de medewerkers niet mee te werken aan verdere vergelding, doofpotaffaires of medeplichtigheid en dat als zij over relevante informatie beschikten, zij het recht hadden deze te melden aan de AFM of het Huis voor Klokkenluiders.
“They know I’m struggling with my health and am alone in a foreign country. They know the only social circle I had was SFI. (..)”
“Mental Health Notice: I have disclosed suicidal thoughts to my psychologist and confirmed that I will not act on them.”
“Absent a lawful and appropriate response, I will be compelled to continue regulatory, legal, and public escalation processes consistent with my protected disclosures and as is necessary for my survival.”
12 en 22 april 2025 pas op 22 april 2025 heeft gezien en dat haar gemachtigde op
10, 16 en 18 april 2025 e-mails en brieven had gestuurd in reactie op [verzoekster]
e-mail van 5 april 2025, en heeft die nog een keer meegestuurd. Verder heeft SFI geschreven dat zij hierdoor niet op de hoogte was van de kennisgeving van [verzoekster] over haar mentale gezondheid. SFI heeft [verzoekster] in dat kader een budget van € 2.500,- voor mentale gezondheidsondersteuning aangeboden, ondanks dat zij ‘geen werknemer meer was van SFI’.
€ 254,63 betaald.
Het geschil
a. het loon met emolumenten, onder verstrekking van een bruto/netto-specificatie, vanaf 18 april 2025 tot de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig is beëindigd;
b. de wettelijke verhoging en de wettelijke rente;
c. de transitievergoeding;
d. een billijke vergoeding van € 100.000,- bruto;
e. een bonus van € 65.000,- bruto;
j. op de kortst mogelijke termijn de uitspraak van de kort geding rechter van 9 juli 2025 ongedaan te maken dan wel het verbod en gebod zoals aan [verzoekster] opgelegd, op te heffen;
k. te verklaren voor recht dat SFI geen vorderingsrecht heeft op [verzoekster] uit hoofde van de arbeidsovereenkomst of welke hoofde dan ook en dat SFI geen recht heeft om enig bedrag te verrekenen met enige aan [verzoekster] toekomende financiële aanspraak alsmede SFI te veroordelen tot betaling van het bedrag dat zij ten onrechte heeft verrekend (waaronder ingehouden verlofuren), vermeerderd met de wettelijke verhoging en wettelijke rente;
l. te verklaren voor recht dat de lening van € 5.000,- inclusief rente door SFI is kwijtgescholden en niet hoeft te worden terugbetaald en SFI te veroordelen tot terugbetaling van het bedrag dat zij op grond hiervan ten onrechte heeft verrekend, vermeerderd met de wettelijke verhoging en wettelijke rente;
m. te bepalen dat SFI gehouden is om aan [verzoekster] de bedragen te voldoen die ten onrechte aan salaris zijn ingehouden dan wel niet zijn uitbetaald, met toepassing van de 30%-regeling;
n. SFI te veroordelen tot betaling van € 3.641,56 bruto aan transitievergoeding, te vermeerderen met de wettelijk rente;
o. SFI te veroordelen om op straffe van een dwangsom binnen een maand na einddatum over te gaan tot het verstrekken van een volledige eindafrekening, met bruto/netto-specificatie, en haar te veroordelen tot betaling van de op grond daarvan aan [verzoekster] verschuldigde bedragen;
p. SFI te veroordelen om binnen 14 dagen na de beschikking € 22.500,- netto te betalen aan vergoeding van juridische kosten.
11 en 12 april 2025 er al mee bekend was of had kunnen zijn dat [verzoekster] e-mails had gestuurd aan medewerkers en zij pas op 18 april 2025 is ontslagen. Verder stelt zij dat de in de brief van 18 april 2025 genoemde redenen geen dringende reden vormen voor ontslag op staande voet. [verzoekster] had niet de intentie om SFI te schaden, maar zij voelde zich benadeeld door de harde en onredelijke handelswijze van SFI, en heeft slechts willen opkomen voor haar rechten en heeft daarbij haar zorgen geuit over de gang van zaken binnen SFI. De situatie escaleerde op 1 april 2025, toen zij op non-actief werd gesteld en naar buiten wed begeleid. Dit was diffamerend en buitenproportioneel en gezien de kwetsbare positie van [verzoekster] , als expat, bijzonder kwalijk van SFI. Daarna volgde het intimiderende telefoongesprek met [naam 3] . Op geen enkel moment heeft SFI erkend dat dit ‘illegal or unethical behavior’ of ‘concern suspicion of wrongdoing within SFI’ onder de klokkenluidersregeling viel. SFI had [verzoekster] in bescherming moeten nemen maar deed volgens [verzoekster] het tegenovergestelde. Maar zelfs als de klokkenluidersregeling niet van toepassing zou zijn, kan het informeren van collega’s over misstanden niet als een dringende reden kwalificeren. [verzoekster] heeft zich immers pas tot de collega’s gewend toen SFI niet reageerde. Bovendien is het onredelijk om een schriftelijk excuus aan het personeel te verlangen op straffe van een ontslag op staande voet. Klaarblijkelijk was de reden van het ontslag niet dringend maar bedoeld om [verzoekster] te bewegen tot het maken van excuses. Ten slotte heeft SFI onvoldoende rekening gehouden met de persoonlijke omstandigheden van [verzoekster] , waaronder haar gezondheidsklachten, PTSS, en haar kwetsbare positie als expat.
a. het loon inclusief vakantiegeld van € 24.262,07 bruto, vermeerderd met wettelijke rente;
b. de uitgekeerde wettelijke verhoging van € 2.550,- bruto;
c. de uitgekeerde wettelijke rente van € 162,25 netto;
d. de uitgekeerde verlofuren van € 289,49 bruto;
e. de uitgekeerde relocation fee van € 4.000,- netto;
f. de vergoeding voor de aanvraag voor de 30%-regeling en het visum van € 1.250,- netto;
g. de kosten voor eerste maand huur van € 3.500,- netto;
h. met de wettelijke rente vanaf de datum van betekening van de beschikking.
Tevens verzoekt SFI te verklaren voor recht dat:
i. de aan [verzoekster] verstrekte lening van € 5.000,- inclusief rente van € 122,40 moet worden terugbetaald, althans dat deze mag worden verrekend met enig aan [verzoekster] verschuldigd bedrag;
j. de 30%-regeling per 18 april 2025 niet langer hoeft te worden toegepast, althans – voor zover het ontslag op staande voet niet zou houden en de loonvordering niet wordt afgewezen – niet langer dan tot uiterlijk 1 juni 2025 hoeft te worden toegepast en slechts tot het bedrag dat maximaal wettelijk is toegestaan,
Beoordeling
e-mails gestuurd, waarna het gezien de inhoud, redelijk was dat SFI zich wilde beraden en advies van haar gemachtigde wilde inwinnen, alvorens (de week erna) inhoudelijk te reageren. Dit heeft zij op 5 april 2025 om 15:54 uur ook meegedeeld aan [verzoekster] , die daarna opnieuw een bericht heeft gestuurd om 17:19 uur en bleef herhalen dat de deadline om te reageren 19:00 uur die dag was. [verzoekster] heeft onvoldoende toegelicht dat het stellen van deze zeer korte deadline (op een zaterdag) terecht was. Zij was weliswaar op dat moment op non-actief gesteld, maar met behoud van haar salaris, zodat niet valt in te zien dat de aangekondigde reactie van SFI de week erna niet kon worden afgewacht.
e-mails, de ongefundeerde beschuldigingen (die [verzoekster] ook nu niet kan staven), de geuite dreigementen en eisen en de omstandigheid dat SFI op dat moment had vernomen dat [verzoekster] hierover contact had gezocht met (oud)medewerkers en relaties, was de sommatie van SFI van 10 april 2025 om direct te stoppen met deze uitlatingen dan ook redelijk en terecht.
e-mail van 1 april 2025 (zie 1.13) is genoemd als één van de
voorwaardenmet betrekking tot het beëindigen van de arbeidsovereenkomst (“the terms regarding the conclusion of your employment”). [verzoekster] is in die e-mail gevraagd om uiterlijk de donderdag op het voorstel van SFI een reactie te geven, waarbij SFI heeft meegedeeld dat ten aanzien van het einde van het dienstverband haar besluit vaststond. Hieruit volgt dat de kwijtschelding van de lening dus niet definitief is toegezegd, wat overigens ook volgt uit de e-mail van 5 april 2025 (zie 1.19), waarin is gesteld dat kwijtschelding van de lening onderdeel was van een algehele regeling. [verzoekster] heeft deze minnelijke regeling niet geaccepteerd. Dat betekent dat [verzoekster] de lening moet terugbetalen zoals bij het aangaan ervan tussen partijen is overeengekomen. De verklaring voor recht ten aanzien van de lening zoals verzocht door [verzoekster] (onder rov. 2 sub l) is dan ook niet toewijsbaar, de verklaring voor recht van SFI (onder rov. 5 sub i) wel.
BESLISSING
a. € 13.254,63 netto, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 augustus 2025 tot de algehele betaling;
b. de uitgekeerde verlofuren van € 289,49 bruto;
c. de uitgekeerde relocation fee van € 4.000,- netto;
d. de vergoeding voor de aanvraag voor de 30%-regeling en het visum van in totaal
€ 1.250,- netto;
e. de kosten voor eerste maand huur van € 3.500,- netto;
f. de wettelijke rente over de bedragen onder sub b tot en met g, vanaf de datum van betekening van de beschikking tot de algehele betaling;
- de door SFI aan [verzoekster] verstrekte geldlening van € 5.000,- inclusief de verschuldigde rente van € 122,40 moet worden terugbetaald;
- de 30%-regeling per 18 april 2025 niet langer door SFI hoeft te worden toegepast;
mr. T.C. van Andel, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 17 oktober 2025.