Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
31 oktober 2025aan [eiser] dan wel op de rekening van de incassogemachtigde (Van Twuijver Incasso B.V.).
zijn bijgeschrevenop de rekening van [eiser] .
Rechtbank Amsterdam
De huurder bleef na ontbinding van de huurovereenkomst in 2022 in de woning wonen en betaalde huur, waardoor de kantonrechter oordeelde dat een nieuwe huurovereenkomst tot stand is gekomen. Na het ontstaan van een nieuwe betalingsachterstand vordert verhuurder opnieuw ontbinding en ontruiming.
De kantonrechter stelt vast dat de oorspronkelijke algemene bepalingen niet meer van toepassing zijn op de nieuwe overeenkomst en toetst de voorwaarden aan het consumentenrecht. Kernbedingen zoals huurprijs en servicekosten worden als eerlijk beoordeeld, terwijl een boetebeding niet van toepassing is omdat verhuurder een professionele partij is.
De huurachterstand wordt vastgesteld op € 5.750,00, inclusief rente en incassokosten, die huurder moet voldoen. De ontbinding en ontruiming worden voorwaardelijk toegewezen, waarbij huurder tot 31 oktober 2025 de tijd krijgt om de achterstand te voldoen en de lopende huur tijdig te betalen.
De kantonrechter wijst de vordering tot ontruimingskosten af wegens onzekerheid over omvang en verschuldigdheid. Huurder wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten en wettelijke rente. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt voorwaardelijk ontbonden en ontruiming toegewezen met een betalingsregeling tot 31 oktober 2025.