ECLI:NL:RBAMS:2025:8389
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek om proceskostenveroordeling in bestuursrechtelijke voorlopige voorziening
In deze uitspraak van de voorzieningenrechter van de Rechtbank Amsterdam op 7 november 2025, wordt het verzoek van de verzoeker om een proceskostenveroordeling tegen het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam beoordeeld. De verzoeker had eerder een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend tegen een besluit van het college van 25 juni 2025, maar trok dit verzoek in nadat het college had laten weten de werking van het besluit op te schorten tot zes weken na de beslissing op het bezwaar. De voorzieningenrechter heeft het college in de gelegenheid gesteld om te reageren op het verzoek om proceskostenveroordeling, maar ontving geen reactie binnen de gestelde termijn. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om proceskostenveroordeling toe, omdat het college aan de verzoeker tegemoet is gekomen door de werking van het besluit op te schorten. De voorzieningenrechter legt uit dat, volgens artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), een bestuursorgaan kan worden veroordeeld in de proceskosten als het geheel of gedeeltelijk tegemoetkomt aan de indiener van het verzoekschrift. De totale proceskosten worden vastgesteld op € 907,-, die het college aan de verzoeker moet vergoeden. De uitspraak is openbaar gedaan en een afschrift is verzonden aan de betrokken partijen.