ECLI:NL:RBAMS:2025:8577
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing ontruimingsvordering wegens gerechtvaardigd vertrouwen huurder in beheerder
De rechtbank Amsterdam behandelde een kort geding waarin eiseres vorderde dat gedaagde de woning zou ontruimen, omdat de woning zonder haar toestemming was verhuurd door de beheerder. De beheerder had namens eiseres de woning verhuurd aan gedaagde, die erop mocht vertrouwen dat de beheerder daartoe bevoegd was.
De huurovereenkomst met gedaagde was niet door eiseres ondertekend, maar de rechtbank oordeelde dat de huurovereenkomst door het handelen van de beheerder en het gerechtvaardigd vertrouwen van gedaagde als een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd moet worden beschouwd. Daarnaast was er sprake van oneigenlijke druk op gedaagde om een vaststellingsovereenkomst te tekenen die inhield dat hij tijdelijk mocht blijven, terwijl hij gerechtigd was langer te blijven.
De rechtbank concludeerde dat de vordering tot ontruiming moest worden afgewezen omdat gedaagde niet zonder recht of titel in de woning verbleef. Eiseres werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten. Het vonnis werd uitgesproken op 7 november 2025 door kantonrechter J.P.C. van Dam van Isselt.
Uitkomst: De vordering tot ontruiming wordt afgewezen omdat gedaagde gerechtvaardigd mocht vertrouwen op de bevoegdheid van de beheerder en er sprake is van een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd.