Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
“Under Armour does not allow teammate merchandise holds at any time of year; no matter the length or reason”. In de Product Alarm Tagging Procedure is onder meer bepaald dat producten vanaf € 49,99 getagd moeten worden met een alarm. In de Staff Rule Policy is onder meer bepaald dat werknemers geen producten mogen achterhouden en dat tassen van personeel bij het in- en uitgaan van de winkel kunnen worden gecontroleerd.
3 december 2024 een e-mailbericht aan Under Armour gestuurd waarin zij schrijft dat haar salaris nu correct is maar dat zij nog de uitbetaling van haar reiskosten mist. Bij e-mail van 27 december 2024 heeft [verzoekster] daaraan toegevoegd dat zij graag haar overuren betaald wil hebben. Dezelfde dag heeft [naam 1] (( [naam functie 3] ) geantwoord dat overuren alleen kunnen worden uitbetaald als deze door de toenmalige leidinggevende zijn goedgekeurd. Bij e-mailbericht van 30 december 2024 heeft [naam 1] aan [verzoekster] geschreven dat uit de systemen blijkt dat van de aangevraagde 716 overuren, 117,5 door de toenmalige leidinggevende met een bericht daarover aan [verzoekster] in juli 2023 zijn goedgekeurd als overuren en dat de andere uren gelden als Tijd voor Tijd. Alleen de goedgekeurde overuren zijn daarom alsnog in januari 2025 door Under Armour uitbetaald. Bij e-mailbericht van 7 januari 2025 heeft [verzoekster] laten weten dat zij het daarmee niet eens is.
“(…) I am reaching out to inform that [naam 4] ( [naam functie 1] BH Amsterdam) will come to your store today to support you with the stock count which includestraining on the NEW planning and the inventory process. (…) Please work with [naam 4] as she will lead you through this process.”
“(…) There was a bag with items from a customer since yesterday when inwas cleaning the fitting room and [naam 4] told me that this was not allowed. As I wasn’t aware of this I told her thatbit was. (…)”
Subject: Hidden bad full of unalarmed merchandise that belongs by statement to [verzoekster] (…)en de volgende tekst:
“(…) While preping for the (…) inventroy count, [naam 4] found a hidden Under Armour gym bag filled with items of Under Armour clothing in it, all the items were new and had no security tags on them, the bag was found under hanging murchandise in the furtherest corner of the fitting rooms.
“I hope you can sleep at night. (…) Je weet precies wat je aan het doen bent. Je weet ’t precies. Je weet ’t precies. Je weet ’t precies.”Daarna heeft [naam 1] het gesprek beëindigd.
“(…) A box and a bag containing items were placed under a rack with high hanging garments they were visible and not hidden. These items had been stored in the large fitting room, where both staff and customers had previously left items labeled with names. I had cleared out that room in preparation for inventory, placed the box and bag outside the fitting room, and returned the other items to the store floor and boxes to the door next to the entrance from the stockroom. (…)
another explanation for the bag of goods, namely that the “items had been stored in the large fitting room, where both staff and customers had previously left items labeled with names.” (…) For the sake of completeness, none of the items in the bag [naam 4] found contained any labels with names. As explicated before, none of the merchandise in the bag even had alarm tags – whereas at least some products should have those, given their value. As [naam functie 1] , that is your responsibility. (…)
steeds leeg; als ze even niet had gekeken, lagen er opnieuw spullen in. Dan haalde ze die weer weg en sprak het personeel erop aan. Tijdens haar ziekteperiode viel dit weg. (…) Op 24 april 2025 was ik zelf niet aanwezig, maar de dagen erna wel. Toen heb ik zelf gezien en gehoord dat [verzoekster] de grote paskamer had opgeruimd. Daar lagen spullen van iedereen, inclusief artikelen die eigenlijk voor het magazijn bedoeld waren. Nog voordat zij volledig terugkeerde, had [verzoekster] al tegen ons personeel gezegd dat dit het eerste zou zijn wat ze zou aanpakken, omdat het haar erg stoorde dat de ruimte verkeerd gebruikt werd. (…)”
a. te verklaren voor recht dat het ontslag op staande voet op 7 mei 2025 niet voldoet aan de eisen van artikel 7:677 lid 1 BW en onregelmatig heeft plaatsgevonden;
c. betaling van de transitievergoeding ten bedrage van € 9.848,68 bruto;
d. betaling van de gefixeerde schadevergoeding ten bedrage van € 12.414,42 bruto;
4.De beoordeling
2 mei 2025 noch in het e-mailbericht van 3 mei 2025 een verklaring gegeven waarom zij aan [naam 4] heeft gevraagd of ze de kleding mocht kopen. Ter zitting heeft zij slechts herhaald dat ook deze vraag hypothetisch was bedoeld en dat zij de kleding niet daadwerkelijk wilde kopen. Daarmee heeft [verzoekster] (nog steeds) geen duidelijkheid verschaft over haar gedrag en geen plausibele verklaring gegeven voor haar manier van handelen.
5.De beslissing
de griffier, en in het openbaar uitgesproken op 27 oktober 2025.