Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
the Regional Court in Tarnów,Polen (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
1.Procesgang
2.Identiteit van de opgeëiste persoon
3.Grondslag en inhoud van het EAB
enforceable decision on remand in custodyvan
the District Court in Tarnówvan 9 december 2020 met referentie II Kp 794/20
.
4.Genoegzaamheid
accomplice”. De feitomschrijving in onderdeel e) van het EAB vermeldt dat de opgeëiste persoon heeft gehandeld “
in cooperation with” de genoemde medeverdachten. Verder wordt – kortgezegd – beschreven dat de opgeëiste persoon ervan verdacht wordt in de periode van maart tot en met juni 2019 in Nederland aanzienlijke hoeveelheden verdovende middelen te hebben verkregen, die hij vervolgens zou hebben overgedragen aan een medeverdachte. De medeverdachte zou de verdovende middelen vervolgens naar Polen hebben gebracht en daar hebben verkocht voor verdere doorverkoop. Naar het oordeel van de rechtbank is hiermee voldoende duidelijk waarvoor de overlevering van de opgeëiste persoon wordt verzocht en is voldaan aan de vereisten die de OLW aan het EAB stelt.
5.Strafbaarheid: feit vermeld op bijlage 1 bij de OLW
6.Weigeringsgrond als bedoeld in artikel 13 OLW Pro
7.Artikel 11 OLW Pro: detentieomstandigheden in het Poolse remand regime
remand regimeworden geplaatst
.
remand regimein Polen
remand regimeslechts drie vierkante meter persoonlijke ruimte (exclusief sanitair) in een meerpersoonscel is gegarandeerd voor de voorlopig gedetineerde, terwijl die veelal drieëntwintig uren per dag op zijn cel doorbrengt. De rechtbank verwijst in dit kader naar haar tussenuitspraken in soortgelijke zaken van 5 juni 2024 [5] en 6 juni 2024 [6] .
remand regime, kan op zichzelf niet tot weigering van de overlevering leiden. Het enkele bestaan van gegevens die duiden op gebreken in dit regime, impliceert immers niet noodzakelijkerwijs dat, in een concreet geval, de grondrechten van de opgeëiste persoon bij overlevering zullen worden geschonden.
remand regimein Polen waar hij zal worden gedetineerd.
remand regimein Polen voor de opgeëiste persoon niet wordt weggenomen door de verstrekte informatie. De raadsvrouw heeft ter onderbouwing enkele stukken overgelegd afkomstig van een andere opgeëiste persoon die inmiddels is overgeleverd en ten aanzien van wie dezelfde garantie werd verstrekt door de Poolse autoriteiten. Uit deze stukken blijkt dat de persoon in kwestie onder andere stelt dat de cellen in de detentie-instelling in Tarnów te klein zijn en dat hij te weinig tijd buiten de cel kan doorbrengen. De eerder overgeleverde persoon zou in de eerste maand detentie na de overlevering slechts vijf uur in totaal buiten de cel hebben verbleven in de gemeenschappelijke ruimte, afgezien van de dagelijkse wandeling (die volgens deze persoon ook niet altijd doorging). Verder is de verstrekte detentiegarantie algemeen geformuleerd ten aanzien van de tijd die de opgeëiste persoon buiten de cel kan doorbrengen. De raadsvrouw heeft verzocht om aanhouding van de zaak om aanvullende vragen te stellen over de bezettingsgraad in de detentie-instelling in Tarnów en om een detentiegarantie te krijgen die specifiek betrekking heeft op de opgeëiste persoon.
emand regimein Polen voor de opgeëiste persoon weg te nemen. Het gegeven dat de detentiegarantie eerder is verstrekt en nu van toepassing wordt verklaard op de opgeëiste persoon is niet problematisch. Immers staat de rechtbank ook overleveringen toe naar België, waarbij Belgische autoriteiten telkens dezelfde detentiegarantie verstrekken en daarbij enkel de naam van de opgeëiste persoon en de detentie-instelling aanpassen. Artikel 11 OLW Pro staat niet aan de overlevering in de weg.
The average duration of day-room activities, from the time of leaving the cell, is about one and a half hours on average.
This time does not include the person remanded in custody’s right to walk of at least one hour. This activity is carried out independently of the activities described above.” In de uitspraak waarbij de overlevering op basis van dezelfde detentiegarantie is toegestaan is de rechtbank ervan uitgegaan dat werd gegarandeerd dat die persoon, naast de dagelijkse wandeling van een uur, ten minste anderhalf uur
per dagkon deelnemen aan activiteiten buiten de cel. [7] De detentiegarantie kan echter bij nadere lezing ook zo worden uitgelegd dat, in het geval de opgeëiste persoon deelneemt aan
day-room activities,hij gemiddeld ongeveer anderhalf uur buiten de cel verblijft, zonder dat wordt aangegeven met welke frequentie deze activiteiten in de
day-roomworden aangeboden. De rechtbank kan dan ook, zonder aanvullende informatie, op basis van de huidige detentiegarantie niet vaststellen hoeveel tijd de opgeëiste persoon – naast een uur wandelen - gemiddeld per dag buiten de cel kan doorbrengen.
day room activitiesgemiddeld anderhalf uur
per dag, of kan de opgeëiste persoon enkel gemiddeld anderhalf uur in de
day roomdoorbrengen in het geval dat er daar activiteiten worden georganiseerd?
8.Beslissing
dertig dagen, onder gelijktijdige verlenging van de gevangenneming op grond van artikel 27, derde lid, OLW;