Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
Parketnummers vordering tul: 13.125320.23 en 13.289219.23
1.Onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
onder feit 1:
onder feit 2:
onder feit 1:
onder feit 2:
onder feit 3:
onder feit 1:
onder feit 2:
onder feit 3:
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
5.Bewezenverklaring
6.Bewijs
7.Strafbaarheid van het feit
8.Strafbaarheid van verdachte
9.Motivering van de straf en maatregel
- het Multidisciplinair Pro Justitia rapport van 3 juni 2025, opgemaakt door mw. [persoon 4] , GZ-psycholoog en mw. [persoon 5] , kinder- en jeugdpsychiater;
- het rapport van de Raad van 13 februari 2026.
de psychiater en de psycholoogkan het volgende worden geconcludeerd. Bij verdachte is sprake van ADHD van het gecombineerde type, een normoverschrijdend-gedragsstoornis en een ouder-kindprobleem. Tevens is er sprake van een bedreigde persoonlijkheidsontwikkeling met antisociale en narcistische kenmerken. Er kan verondersteld worden dat de ADHD en de normoverschrijdend-gedragsstoornis van invloed zijn geweest op de gedragingen en keuzes van verdachte tijdens de tenlastegelegde feiten. Desalniettemin wordt gedacht dat verdachte voldoende weet heeft gehad van de ontoelaatbaarheid van zijn handelen en had hij keuzevrijheid om tot andere keuzes te komen. Derhalve zijn er geen gedragskundige gronden om te adviseren tot een verminderde mate van toerekenen van de tenlastegelegde feiten. Er is sprake van een hoog risico voor toekomstig (agressief) grensoverschrijdend gedrag, indien onbehandeld. Verdachte heeft weinig tot geen inzicht in zijn eigen problematiek en is derhalve onvoldoende gemotiveerd voor behandeling. Gelet op de duur van de behandeling, samenhangend met het niveau van functioneren van verdachte, is de verwachting dat een dergelijke behandeling met vallen en opstaan zal verlopen. Een GBM voor de duur van 12 maanden zou een passend juridisch kader zijn om de intensieve, langdurende, ambulante behandeling te waarborgen.
de Raadtoegelicht dat er sinds de afronding van voornoemd multidisciplinair onderzoek veel ontwikkelingen in het leven van verdachte zijn geweest. Verdachte heeft recent vijf maanden in Duitsland in detentie gezeten. Tot op heden heeft hij daarom nog niet kunnen profiteren van behandeling, zoals bij De Waag, waar hij in het kader van zijn schorsing aan moest meewerken. In december 2025 is verdachte teruggekeerd naar Nederland en is hij weer bij zijn moeder gaan wonen. Daar ging het vrij snel mis. Verdachte woont inmiddels bij [wooninstelling] in [plaats]. Tot voor kort had verdachte nog geen dagbesteding in de vorm van school of werk maar sinds 10 februari 2026 is hij gestart met een loodgietersopleiding, waar hij een groot deel van zijn tijd mee zal kunnen vullen. Ook heeft hij een zeer goede band met zijn Credible Messenger coach, die goed tot hem door kan dringen en hem steun kan bieden die hij vanuit zijn netwerk mist. De Raad heeft overwogen om een voorwaardelijke PIJ-maatregel te adviseren, maar vindt dat nu nog te zwaar gezien de verdenkingen en het psychiatrisch beeld dat daaraan ten grondslag ligt. De Raad acht daarom een GBM voor de duur van 12 maanden passend. Binnen de GBM is het belangrijk dat verdachte naar school en/of stage gaat en een bijbaan heeft voor voldoende inkomsten. Behandeling bij De Waag of een soortgelijke instantie is essentieel voor verdachte om meer grip te krijgen op zijn gedrag.
10.De vordering van de benadeelde partij
,vermeerderd met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd, te weten 28 april 2025.
11.De vorderingen tot tenuitvoerlegging voorwaardelijke veroordeling
12.Toepasselijke wettelijke voorschriften
13.13. Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
een jeugddetentie van 46 (zesenveertig) dagen.
maatregel betreffende het gedrag van de jeugdigevoor de duur van
12 (twaalf) maanden, die bestaat uit:
- behandeling bij de Waag of een soortgelijke instantie, gericht op psycho-educatie en behandeling van de gestelde diagnoses, delictanalyse, aanpak voor agressieregulatie en bespreken van ADHD-medicatie;
- het vinden en volgen van scholing en het vinden en behouden van een (bij)baan met behulp van een jobcoach;
- het in kaart brengen van verdachtes cannabisgebruik om de invloed hiervan te beoordelen en interventie hier op indien nodig geacht;
- verblijft bij [wooninstelling] of een soortgelijke passende wooninstelling en zich houdt aan de aldaar geldende huisregels;
- het opstellen van een weekschema voor structuur in het leven van verdachte.
dadelijk uitvoerbaaris.
een werkstraf voor de duur van 150 (honderdvijftig) urensubsidiair 75 (vijfenzeventig) dagen jeugddetentie.
een werkstraf voor de duur van 30 (dertig) urensubsidiair 15 (vijftien) dagen jeugddetentie. De rechtbank hanteert daarbij een maatstaf van 1 (één) uur per dag.