Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
1.[gedaagde 1] ,
[gedaagde 2],
1.De procedure
2.De feiten
- een leningsovereenkomst tussen [gedaagde] en Lamassu (hierna: de leningsovereenkomst);
- een overeenkomst tussen [eiser] , [gedaagde] en Lamassu (hierna: de driepartijenovereenkomst).
3.Het geschil
4.De beoordeling
optiedie losstaat van de hypotheekverplichtingen van [gedaagde] tegenover Lamassu en niet afhankelijk is van een eventuele tekortkoming daarin. Ten tweede heeft niet de hypotheekhouder (Lamassu) de koopoptie, maar [eiser] . Zoals onder 4.22 al is overwogen, zijn deze partijen niet te vereenzelvigen alleen omdat zij dezelfde aandeelhouder hebben. De genoemde bepalingen uit de samenwerkingsovereenkomst vallen dan ook niet onder het toe-eigeningsverbod en zijn niet nietig.