ECLI:NL:RBAMS:2026:2884
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag gesloten buitenwagen op grond van Wmo 2015 bevestigd
Eiser heeft op 8 april 2025 een aanvraag ingediend voor een gesloten buitenwagen op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015). Deze aanvraag werd door verweerder afgewezen, waarna ook het bezwaar ongegrond werd verklaard. Eiser stelde beroep in tegen deze besluiten.
De rechtbank behandelde het beroep op 12 februari 2026, waarbij eiser niet aanwezig was. Verweerder baseerde zijn besluit op een advies van Argonaut, waarin na dossieronderzoek en medisch onderzoek werd geconcludeerd dat eiser weliswaar mobiliteitsbeperkingen heeft, maar geen medische noodzaak bestaat voor een gesloten buitenwagen. Een scootmobiel in combinatie met aanvullend openbaar vervoer (AOV) werd als passend alternatief geadviseerd.
Eiser voerde aan dat zijn chronische pijn, verminderde weerstand en medische situatie een gesloten buitenwagen vereisen. Na aanvullend medisch advies van Argonaut bleef het oordeel ongewijzigd. De rechtbank oordeelde dat het advies zorgvuldig, inzichtelijk en begrijpelijk was en dat eiser onvoldoende concrete aanknopingspunten had geleverd om het advies te betwisten.
De rechtbank concludeerde dat eiser voldoende gecompenseerd wordt met een extra geveerde scootmobiel en AOV-pas voor rechtstreeks vervoer. Het beroep werd ongegrond verklaard, maar verweerder werd wel verplicht het griffierecht aan eiser te vergoeden vanwege de inhoud van het aanvullend advies.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag voor een gesloten buitenwagen wordt ongegrond verklaard.