ECLI:NL:RBAMS:2026:3487
Rechtbank Amsterdam
- Rekestprocedure
- Rechtspraak.nl
Beslissing ongegrond bezwaar tegen DNA-profielbepaling minderjarige veroordeelde
De rechtbank Amsterdam behandelde het bezwaar van een minderjarige veroordeelde tegen het bepalen en verwerken van zijn DNA-profiel op grond van artikel 7 van Pro de Wet DNA. Veroordeelde stelde dat vanwege zijn leeftijd ten tijde van het misdrijf, het positieve gedrag nadien en het geringe recidivegevaar, het DNA-onderzoek niet van betekenis zou zijn voor opsporing en vervolging.
De rechtbank oordeelde dat het gepleegde misdrijf voldoet aan de criteria voor DNA-afname en dat de uitzonderingsgronden van artikel 2, eerste lid, onder b, Wet DNA niet van toepassing zijn. Hoewel de minderjarigheid en positieve omstandigheden meegewogen worden, is de opgelegde taakstraf van 100 uren, waarvan de helft voorwaardelijk, indicatief voor een niet gering recidivegevaar.
De rechtbank concludeerde dat het bezwaar ongegrond is en dat het DNA-profiel mag worden bepaald en verwerkt. Tegen deze beslissing zijn geen rechtsmiddelen mogelijk.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het bepalen en verwerken van het DNA-profiel wordt ongegrond verklaard.