ECLI:NL:RBAMS:2026:3497
Rechtbank Amsterdam
- Rekestprocedure
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot teruggave van inbeslaggenomen auto wegens rijden zonder rijbewijs
Op 28 november 2025 werd een personenauto van klager in beslag genomen in het kader van een strafrechtelijk onderzoek wegens rijden zonder rijbewijs. Klager, die nog geen rijbewijs heeft en meerdere keren eerder is beboet voor hetzelfde feit, verzocht om teruggave van de auto omdat hij deze nodig heeft voor zijn werk als straatcoach en de auto met zijn spaargeld heeft gekocht.
De rechtbank behandelde het beklag op 11 maart 2026 en hoorde klager, zijn advocaat en de officier van justitie. Het Openbaar Ministerie verzette zich tegen teruggave omdat het belang van de strafvordering zich daartegen verzet en de auto mogelijk verbeurd zal worden verklaard.
De rechtbank oordeelde dat het voortduren van het beslag noodzakelijk is omdat het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter de auto zal verbeurd verklaren gezien de recidive van klager. Het feit dat klager de auto met eigen spaargeld heeft gekocht, weegt niet op tegen het strafvorderlijk belang. Het beklag werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beklag tegen de inbeslagname van de auto wordt ongegrond verklaard en het beslag blijft gehandhaafd.