Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
HANAB PROJECTS B.V.
1.De zaak in het kort
2.De procedure
3.De feiten
clasheszullen optreden tussen de bestaande installatie en het ontwerp van de stoomkoppeling.
Om de planning te halen zullen we extra overuren moeten maken en mogelijk onderdelen/materialen met spoed aan te laten leveren. Deze willen we wel doorbelasten, mits [de rechtbank begrijpt: tenzij] AEB afziet van de boeteclausule “te laat opleveren”. (…)
- ontwerpdocumenten onvoldoende zijn;
- een 3D clash analyse uitgevoerd diende te worden waaruit diverse nieuwe conflicten/clashes naar voren gekomen zijn;
- realisatie in 13 aaneengesloten kalenderwerken niet mogelijk blijkt;
- werkzaamheden niet ongestoord uitgevoerd kunnen worden hetgeen een voorwaarde was voor het hervatten van de werkzaamheden in februari 2024;
- meerwerken niet geaccordeerd worden door opdrachtgever;
- opdrachtgever haar directie voerende taken niet uitvoert. (…)”
4.Het geschil
in conventie
clashesin het werk, waarvoor een ontwerpwijziging van de stoomkoppelleiding nodig was. Omdat AEB hiervoor geen oplossing heeft geboden, heeft Hanab haar werkzaamheden in mei 2024 terecht beëindigd. AEB heeft daarom ten onrechte de bankgarantie getrokken. Voor zover partijen in februari 2024 nieuwe afspraken hebben gemaakt en de aanvankelijke Overeenkomst niet op 20 november 2023 is ontbonden, brengen voornoemde omstandigheden mee dat het voor Hanab onmogelijk was om aan haar verplichtingen te voldoen, zodat de (nieuwe) Overeenkomst moet worden ontbonden. Zij baseert dit op artikel 7:756 lid 2 van Pro het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW). Daarnaast heeft Hanab kosten gemaakt voor het uitvoeren van de werkzaamheden voor onder andere geleverde materialen, materieel en bestede uren. Het totaal komt neer op een bedrag van € 1.817.469,98. Nu AEB haar verplichtingen niet is nagekomen, is AEB gehouden om dit bedrag te betalen.
primairper 16 mei 2024,
subsidiairper 30 mei 2024 in verzuim is geraakt,
5.De beoordeling
clashes(conflicten) tussen de bestaande installatie en het ontwerp van de stoomkoppelleiding. Hierdoor was een ontwerpwijziging nodig, hetgeen viel onder de ontwerp-verantwoordelijkheid van AEB. Volgens Hanab heeft AEB voor beide omstandigheden geen oplossing geboden. De rechtbank begrijpt het standpunt van Hanab zo dat AEB hierdoor niet voldaan heeft aan de nadere afspraken zoals hiervoor genoemd in 5.6.
clashes. Hierna worden deze onderwerpen afzonderlijk besproken.
clashesbleken die niet ‘in het werk’ konden worden opgelost, maar een wijziging van het ontwerp vergden. AEB betwist dit en voert aan dat het voor Hanab vanaf het begin al duidelijk moet zijn geweest waar de
clashes(te verwachten) waren. Volgens AEB is Hanab op grond van de Overeenkomst gehouden de
clashes‘in het werk’ op te lossen en moet AEB dit als meerwerk compenseren en eventueel (op verzoek van Hanab) bouwtijdverlenging verlenen.
clashes‘in het werk’ op te lossen zonder een aanpassing van het ontwerp. Ter onderbouwing van deze stelling heeft Hanab een clash-analyse overgelegd en ter zitting toegelicht dat de geel gemarkeerde
clasheseen wijziging van het ontwerp vergden. Zo heeft zij uitgelegd dat
clashnummer 16 een leidingclash betreft waarbij volgens het ontwerp een leiding moet worden gebouwd die dwars door een andere bestaande leiding loopt. Volgens Hanab kan de bestaande leiding niet worden aangepast, zodat het ontwerp van de nieuwe leiding moet worden aangepast.
clash-analyse niet eerder heeft ontvangen dan in kort geding. In de conclusie van antwoord heeft zij echter erkend dat Hanab op 16 april 2024 een lijst met
clashesmet haar heeft gedeeld. De rechtbank gaat er daarom vanuit dat AEB van de nieuwe
clashesop de hoogte was, zodat aan dit verweer voorbij wordt gegaan.
clashesniet ‘in het werk’ konden worden opgelost en dat een ontwerpwijziging nodig was. AEB heeft namelijk slechts aangevoerd dat uit het door Hanab overgelegde overzicht van de
clashesvolgt dat Hanab voor de geel gemarkeerde clashes zelf een voorstel heeft gedaan om dit op te lossen, zodat de
clashesvolgens AEB ‘in het werk’ oplosbaar zijn. Dat is echter in het licht van de stellingen van Hanab onvoldoende om te kunnen concluderen dat Hanab het werk kon uitvoeren conform het door Lloyds goedgekeurde ontwerp. Het enkele feit dat Hanab voorstellen heeft gedaan over het oplossen van de
clashes, betekent immers niet dat het werk kon worden uitgevoerd volgens het goedgekeurde ontwerp. Dat door de
clasheseen ontwerpwijziging nodig was, is ook in lijn met de e-mail van Hanab van 29 april 2024 waarin zij aan AEB heeft laten weten dat de engineering door IV-Industrie niet juist is, dat de huidige isometric moet worden aangepast naar as-build, wat inhoudt dat de maatvoering qua leiding lengte zal veranderen of supports aanpassingen moeten worden verricht en waarbij een globale inschatting is gemaakt van de kosten om de
clashesop te lossen, zonder de kosten van het herzien van de DAD. De rechtbank begrijpt dat met DAD wordt bedoeld een Design Approval Document wat bij Lloyds moet worden ingediend. Hanab heeft ook ter zitting toegelicht dat de nieuwe
clashesinvloed hebben op het DAD-traject en dat heeft AEB niet weersproken. De rechtbank gaat er daarom vanuit dat de nieuwe
clashes(en de eventuele oplossingen hiervoor) meebrengen dat niet kon worden gebouwd conform het door Lloyds goedgekeurde ontwerp. Voor zover AEB meent dat de stelling van Hanab dat zij het werk niet kon uitvoeren niet strookt met haar eigen voorstel om het werk af te maken tegen betaling van een vaste prijs van € 3,5 miljoen, wordt AEB hierin niet gevolgd. Dat Hanab het werk kon voltooien wil namelijk nog niet zeggen dat het bestaande door Lloyds goedgekeurde ontwerp als zodanig uitvoerbaar was. AEB miskent hiermee ook dat partijen in de nadere afspraken juist zijn overeengekomen dat het werk zou worden uitgevoerd conform het op dat moment ‘bevroren’ ontwerp.
clashes‘in het werk’ moest oplossen, was Hanab van het bestaan van
clashesop de hoogte en is Hanab op grond van de Overeenkomst verantwoordelijk voor de uitvoeringsdocumentatie, maar dat betekent niet dat Hanab, anders dan AEB betoogt, hiermee de risico’s heeft aanvaard die verbonden zijn aan het door IV-Industrie namens AEB gemaakte ontwerp. Op grond van de Overeenkomst rust immers de ontwerpverantwoordelijkheid op AEB, zodat eventuele fouten in het ontwerp voor rekening van AEB komen. Ook uit het hiervoor in 3.15 vermelde overleg volgt niet dat Hanab de volledige ontwerpverantwoordelijkheid heeft overgenomen. Hanab heeft (conform de Overeenkomst) de ontwerp- en uitvoeringsdocumenten bij Lloyds ingediend, waarna het (gewijzigde) ontwerp is goedgekeurd door Lloyds. Partijen zijn vervolgens overeengekomen dat Hanab het werk zou uitvoeren volgens dit goedgekeurde ontwerp. Niet valt in te zien waarom op Hanab ook de verplichting zou rusten om ervoor te zorgen dat het ontwerp past in de bestaande installatie van AEB. Hanab mocht ervan uit gaan dat de uitvoering van het goedgekeurde ontwerp daadwerkelijk mogelijk was. Dat bleek echter niet zo te zijn vanwege de nieuwe
clashes, zoals hiervoor is overwogen.
clashesin kaart te brengen, zodat het voor Hanab duidelijk had moeten zijn waar de
clasheszaten. De rechtbank begrijpt het standpunt van AEB zo dat het voor rekening van Hanab moet komen dat zij pas na de nadere afspraken, en dus nadat het ontwerp door Lloyds was goedgekeurd, nieuwe
clashesheeft ontdekt, maar dit verweer slaagt niet. Het is niet relevant op welk moment Hanab uiteindelijk de
clashesheeft onderzocht, aangezien partijen zijn overeengekomen dat Hanab het werk kon uitvoeren conform het door Lloyds goedgekeurde ontwerp. Als er vervolgens tijdens de uitvoering van het werk
clasheszouden worden ontdekt, zou dit volgens de gemaakte afspraken door Hanab worden opgelost ‘in het werk’ tegen betaling van meerwerk. Dat betekent echter niet dat
clashesdie een ontwerpwijziging vergen, ook door Hanab moeten worden opgelost. Dat het aflopen van de stoomkoppelleiding en het onderzoeken waar de
clashes(kunnen) zijn volgens AEB slechts een aantal uur werk betreft, doet dus niet ter zake. Hetzelfde geldt voor de stelling van AEB dat alle
clashesmet het blote oog zouden zijn vast te stellen. Dit ligt bovendien ook niet voor de hand, aangezien AEB zelf in de Nota van Inlichtingen heeft vermeld dat niet alle
clashesbij haar bekend zijn, hetgeen uiteraard wel het geval zou zijn als deze met het blote oog zichtbaar zouden zijn. Het gaat immers om haar eigen fabriek. Daarnaast wordt in de aanbestedingsdocumentatie verwezen naar 3D modellen waarin
clasheszijn geconstateerd. Als alle
clashesmet het blote oog zouden zijn vast te stellen, zou het verstrekken van deze documentatie zinloos zijn.
clashes‘in het werk’ zou oplossen, terwijl dit in feite niet mogelijk was zonder aanpassing van het ontwerp. Gelet op de ontwerpverantwoordelijkheid van AEB, valt dit aan haar toe te rekenen en kan dit niet voor rekening van Hanab komen.
€ 189,00(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
clashesdie een ontwerpwijziging vergden en AEB hiervoor geen oplossing heeft geboden. Van een tekortkoming in de nakoming van de overeenkomst aan de zijde van Hanab kan dan ook niet worden gesproken.