Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBAMS:2026:3754

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
16 april 2026
Publicatiedatum
15 april 2026
Zaaknummer
24/7426
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:7 AwbArt. 6:22 AwbArt. 6:25 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing aanvraag verlenging persoonsgebonden budget voor scootmobiel

Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor verlenging van haar persoonsgebonden budget (pgb) voor een scootmobiel, bedoeld voor de aanschaf van een tweedehands gesloten buitenwagen. Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam heeft deze aanvraag afgewezen op basis van een negatief medisch advies van Argonaut Advies B.V. Eiseres betwist dit advies en voert aan dat het heradvies niet deugt vanwege een gebrekkige medische onderbouwing en onjuiste interpretatie van haar loopvermogen.

De rechtbank heeft het advies van Argonaut getoetst en geoordeeld dat dit zorgvuldig tot stand is gekomen, met inachtneming van alle beschikbare medische informatie en observaties tijdens spreekuren. Argonaut concludeert dat eiseres in staat is circa 500 meter te lopen en dat het gebruik van een scootmobiel herstelbelemmerend kan werken. De rechtbank wijst het standpunt van eiseres af dat een functioneel looponderzoek had moeten plaatsvinden.

Het college mocht op grond van dit advies het pgb voor een scootmobiel weigeren en het beroep van eiseres is daarom ongegrond verklaard. Eiseres krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de rechtbank Amsterdam op 16 april 2026.

Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de aanvraag voor verlenging van het pgb voor een scootmobiel.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Bestuursrecht
zaaknummer: AMS 24/7426

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 16 april 2026 in de zaak tussen

[eiseres], uit [plaats] , eiseres
(gemachtigde: mr. N. Saidi),
en

het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam, het college

(gemachtigde: mr. E.D. Mensing van Charante).

Samenvatting

1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de aanvraag van eiseres voor verlenging van een persoonsgebonden budget (pgb) voor een scootmobiel. Zij wil met het pgb een tweedehands gesloten buitenwagen aanschaffen. Eiseres is het niet eens met de afwijzing van haar aanvraag. Zij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de aanvraag.
1.1.
De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat het college de aanvraag van eiseres mocht afwijzen
.Eiseres krijgt dus geen gelijk en het beroep is ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Eiseres heeft een verlengingsaanvraag ingediend voor een persoonsgebonden budget (pgb) voor een scootmobiel. Het college heeft deze aanvraag met het besluit van
10 juni 2024 afgewezen. Met het bestreden besluit van 23 oktober 2024 op het bezwaar van eiseres is het college bij de afwijzing van de aanvraag gebleven.
2.1.
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. Het college heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
2.2.
De rechtbank heeft het beroep op 31 maart 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres, de heer A. Shikh-Salo als tolk en de gemachtigde van het college.

Totstandkoming van het bestreden besluit

3. In 2018 heeft eiseres een pgb voor een scootmobiel ontvangen met een looptijd van zes jaar. Eiseres heeft hiervan een tweedehands gesloten buitenwagen aangeschaft. Deze is echter op 25 november 2023 afgekeurd en eiseres ervaart daardoor opnieuw een vervoersprobleem.
3.1.
Eiseres heeft vervolgens een aanvraag ingediend voor de verlenging van het pgb. Naar aanleiding van deze aanvraag heeft Argonaut Advies B.V. (Argonaut) op 23 mei 2024 een negatief advies uitgebracht. Volgens Argonaut komt uit de medische correspondentie naar voren dat eiseres pijnervaringen heeft in haar bewegingsapparaat die veroorzaakt worden door een medisch objectiveerbare aandoening. In de aangeleverde medische informatie staat beschreven dat eiseres tien minuten kan lopen. Gezien de aard van de beperking is het van belang dat eiseres zo veel mogelijk in beweging blijft. Een immobiliserende vervoersvoorziening zou volgens Argonaut kunnen zorgen voor herstelbelemmering.
3.2.
Naar aanleiding van het advies van Argonaut van 23 mei 2024 heeft het college aanvullende vragen gesteld aan Argonaut omdat de medische situatie van eiseres in 2018 stabiel werd geacht en destijds aan haar een pgb voor een scootmobiel was toegekend. Argonaut heeft hierop gereageerd dat in de afgelopen jaren nieuwe diagnostiek is verricht naar de genoemde beperkingen van eiseres. De aard en ernst van de beperkingen zijn mogelijkerwijs anders dan tijdens het eerder afgegeven advies. Argonaut kijkt naar de huidige situatie met de huidige beperkingen en hieruit heeft Argonaut de conclusie getrokken die volgt uit het advies van 23 mei 2024. Het college heeft vervolgens de aanvraag van eiseres met het besluit van 10 juni 2024 afgewezen en zich gebaseerd op het advies van Argonaut.
3.3.
Met het bestreden besluit van 23 oktober 2024 op het bezwaar van eiseres is het college bij de afwijzing van de aanvraag gebleven. Volgens het college is de goedkoopste adequate oplossing voor eiseres het Aanvullend openbaar vervoer in combinatie met haar elleboogkruk.
3.4.
Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld en een brief van haar neuroloog van 20 november 2024 overgelegd waaruit volgens haar blijkt dat haar klachten zijn toegenomen sinds 2018 en dat zij maar drie minuten kan lopen. Naar aanleiding hiervan heeft het college een heronderzoek bij Argonaut aangevraagd. Argonaut heeft in het advies van 13 oktober 2025 wederom een negatief advies gegeven voor een scootmobiel. De brieven van de neuroloog van 27 januari 2024 en 20 november 2024 zijn opgesteld naar aanleiding van één consult op 26 januari 2024. De informatie over hoeveel minuten eiseres kon lopen werd anamnestisch verkregen. Tijdens het spreekuur heeft eiseres aan Argonaut verteld dat de neuroloog haar tijdens het consult van 26 januari 2024 verkeerd heeft begrepen en daarom heeft vermeld dat eiseres tien minuten in plaats van drie minuten kan lopen. Argonaut gaat er echter nog steeds van uit dat eiseres in staat moet worden geacht een afstand van circa 500 meter te kunnen lopen op basis van de medische informatie en de observatie tijdens het spreekuur. Volgens Argonaut worden patiënten met de aandoening van eiseres geadviseerd om zoveel mogelijk in beweging te blijven. Ook wordt er geadviseerd om met de pijn te leren omgaan en ondanks de pijn toch blijven bewegen. Het belasten van het bewegingsapparaat leidt bij cliënte niet tot gezondheidsschade. Gebruik van een passieve, loopvervangende voorziening, zoals een scootmobiel zou onvermijdelijk tot een afname van het dagelijks bewegen bij eiseres leiden en, gezien het bovenstaande, herstelbelemmerend werken. Gebruik van een scootmobiel is derhalve niet bevorderend voor de gezondheid van eiseres en wordt daarom afgeraden. Een fiets is een voorliggende voorziening.

Beoordeling door de rechtbank

4. Eiseres voert aan dat het heradvies van Argonaut niet deugt aangezien dit is gebaseerd op een gebrekkige medische onderbouwing van haar loopvermogen. Argonaut heeft geen aanvullend medisch onderzoek verricht en baseert zich uitsluitend op haar eigen verklaringen. Daarnaast is de aanbeveling om te fietsen als voorliggende voorziening medisch onhoudbaar, omdat in november 2025 bij eiseres patellofemorale artrose graad 2 is vastgesteld, waardoor fietsen een zware belasting voor de knie vormt. Het heradvies houdt volgens eiseres geen rekening met de meest recente objectieve diagnostiek.
4.1.
Op grond van vaste rechtspraak van de hogerberoepsrechter mag een bestuursorgaan eerst op het advies van een deskundige afgaan, nadat is nagegaan of dit advies op een zorgvuldige wijze tot stand is gekomen, de redenering daarin begrijpelijk is en de getrokken conclusies daarop aansluiten (de vergewisplicht). [1] Het is vervolgens aan de aanvrager om door middel van medische stukken aannemelijk te maken dat het advies niet klopt. [2]
4.2.
De rechtbank is van oordeel dat de adviezen van Argonaut zorgvuldig tot stand zijn gekomen, inzichtelijk zijn en begrijpelijk zijn gemotiveerd. Alle beschikbare medische informatie is meegewogen, eiseres is twee keer op het spreekuur gezien en haar beperkingen worden erkend. Eiseres heeft verder geen medische stukken overgelegd waaruit zou blijken dat aan de adviezen van Argonaut getwijfeld moet worden.
4.3.
Het standpunt van eiseres dat Argonaut een functioneel looponderzoek had moeten verrichten, volgt de rechtbank niet. Uit het advies van 13 oktober 2025 volgt namelijk dat eiseres tijdens het spreekuur een vlot en stabiel looppatroon vertoonde en liep met een elleboogkruk waarop zij weinig steunde. Op basis van de informatie uit de brieven van de neuroloog, het onderzoek tijdens het spreekuur en de observatie van het looppatroon van eiseres, concludeert de arts van Argonaut dat eiseres in staat moet worden geacht een afstand van circa 500 meter lopend af te kunnen leggen. Dat is voldoende. Het college mocht zijn besluitvorming dan ook baseren op de medische adviezen en de verlengingsaanvraag voor een pgb voor een scootmobiel afwijzen.

Conclusie en gevolgen

5. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiseres geen gelijk krijgt. Eiseres krijgt daarom het griffierecht niet terug. Zij krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. H.J. Doets, rechter, in aanwezigheid van
mr.G. dos Santos 't Hoen, griffier.
Uitgesproken in het openbaar op 16 april 2026.
de rechter is buiten
staat om te tekenen
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.
Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.
Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Voetnoten

1.Zie de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 22 mei 2024, ECLI:NL:CRVB:2024:1124.
2.Zie de uitspraak van de Centrale Raad van beroep van 11 januari 2024, ECLI:NL:CRVB:2024:77.