Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBAMS:2026:3841

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
2 april 2026
Publicatiedatum
17 april 2026
Zaaknummer
13-245333-25
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste en enige aanleg
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 14 OLWArt. 8 Kaderbesluit 2002/584/JBZ
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek aanvullende toestemming uitbreiding vervolging overgeleverde persoon uit Polen

De rechtbank Amsterdam heeft op 2 april 2026 uitspraak gedaan over een verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van aanvullende toestemming voor uitbreiding van vervolging van een overgeleverde persoon uit Polen, geboren in 1977. Het verzoek was ingediend op 1 juli 2025 en betrof een zaak van de Piotrków Trybunalski Regional Court.

De rechtbank heeft vastgesteld dat de overgeleverde persoon op 6 november 2025 in aanwezigheid van zijn advocaat is gehoord en voldoende gelegenheid heeft gehad om zijn opmerkingen en bezwaren kenbaar te maken. De stukken waren toereikend om een beslissing te nemen met volledige eerbiediging van de rechten van verdediging.

Echter, het verzoek bevatte niet alle vereiste gegevens zoals bedoeld in artikel 8, eerste lid, van het Kaderbesluit 2002/584/JBZ, met name ontbrak de vermelding van een nationaal aanhoudingsbevel of een andere voor tenuitvoerlegging vatbare gelijkwaardige rechterlijke beslissing. Navraag bij de Poolse autoriteiten bevestigde dat een dergelijk bevel of beslissing niet bestaat.

Daarom heeft de rechtbank het verzoek om aanvullende toestemming afgewezen en geen toestemming verleend voor uitbreiding van de vervolging van de overgeleverde persoon voor de gevraagde feiten.

Uitkomst: Het verzoek om aanvullende toestemming voor uitbreiding van vervolging wordt afgewezen wegens ontbreken van een nationaal aanhoudingsbevel of gelijkwaardige rechterlijke beslissing.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13-245333-25
Datum beslissing: 2 april 2026
BESLISSING
op de vordering ex artikel 14, derde lid, Overleveringswet (hierna: OLW), ingediend door de officier van justitie bij deze rechtbank op 18 september 2025, strekkende tot het in behandeling nemen van een verzoek om toestemming te verlenen voor uitbreiding van de vervolging als bedoeld in artikel 14, eerste lid, aanhef en onder g, OLW. Dit verzoek is ingediend door
the Piotrków Trybunalski Regional Court, Polen, op 1 juli 2025 en betreft:
[de overgeleverde persoon]
geboren op [geboortedag] 1977 in [geboorteplaats] (Polen),
thans gedetineerd in Polen,
hierna te noemen: de overgeleverde persoon.

1.Beoordeling

De voorhanden zijnde stukken zijn toereikend om - met volledige eerbiediging van de rechten van verdediging van de overgeleverde persoon - een beslissing te nemen.
Uit het proces-verbaal van verhoor van
the Piotrków Trybunalski District Court, Criminal Division no. 3van 6 november 2025 blijkt dat de overgeleverde persoon, in aanwezigheid van zijn advocaat, is gehoord over het verzoek. Naar het oordeel van de rechtbank heeft de overgeleverde persoon voldoende de mogelijkheid gehad om zijn eventuele opmerkingen en bezwaren met betrekking tot het verzoek om aanvullende toestemming kenbaar te maken. [1]
Het verzoek bevat echter niet alle gegevens als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van Kaderbesluit 2002/584/JBZ. Het verzoek bevat immers geen vermelding van een nationaal aanhoudingsbevel of een andere voor tenuitvoerlegging vatbare gelijkwaardige rechterlijke beslissing. De rechtbank heeft op 22 september 2025 laten vragen of er een separaat nationaal aanhoudingsbevel of een andere voor tenuitvoerlegging vatbare gelijkwaardige rechterlijke beslissing bestaat. Uit het antwoord van 13 november 2025 van de
Regional Court Piotrkówkan niet anders worden afgeleid dan dat een dergelijk bevel of beslissing niet bestaat.
De rechtbank zal daarom het verzoek afwijzen.

2.Beslissing

De rechtbank:
verleent geen toestemming voor uitbreiding van de vervolging van
[de overgeleverde persoon]voor de feiten zoals vermeld in het verzoek.
Deze beslissing is genomen op 2 april 2026 door
mr. O.P.M. Fruytier, voorzitter,
mrs. L. Sanders en J.T.H. Zimmerman, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. G. Riedijk, griffier.

Voetnoten

1.Vgl. HvJ EU 26 oktober 2021, C-428/21 PPU en C-429/21 PPU, ECLI:EU:C:2021:876, punt 63.