ECLI:NL:RBAMS:2026:4238
Rechtbank Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Echtscheiding met toewijzing huurrecht echtelijke woning aan vrouw en verdeling huwelijksgemeenschap
Partijen zijn gehuwd sinds 28 augustus 2020 en hebben geen minderjarige kinderen. De vrouw heeft de Nederlandse en Amerikaanse nationaliteit, de man alleen de Nederlandse. De vrouw verzoekt de echtscheiding uit te spreken, het huurrecht van de echtelijke woning aan haar toe te kennen, en de huwelijksgemeenschap te verdelen. De man verzet zich tegen het huurrecht aan de vrouw toe te kennen en verzoekt zelf het huurrecht te verkrijgen, alsmede een omgangsregeling met de kat.
De rechtbank oordeelt dat de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft en Nederlands recht van toepassing is. De echtscheiding wordt toegewezen omdat het huwelijk duurzaam is ontwricht. Ten aanzien van het huurrecht weegt de rechtbank het belang van de vrouw zwaarder, omdat zij geen alternatieve woonruimte heeft en de man wel. De man beschikt over een huurwoning en een woonboot. Het verzoek van de man wordt afgewezen. Het verzoek tot omgangsregeling met de kat wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat dit geen rechtsgrond kent.
De verdeling van de huwelijksgemeenschap wordt vastgesteld conform de overeenstemming van partijen: de vrouw krijgt de inboedel en kano van de echtelijke woning, de man krijgt de inboedel van zijn woning, de boot "[naam 3]" en is volledig draagplichtig voor de bijbehorende schulden. De vrouw krijgt haar persoonlijke bezittingen, maar haar verzoek daartoe wordt afgewezen wegens gebrek aan belang. De rechtbank wijst het meer of anders verzochte af.
Uitkomst: De echtscheiding wordt uitgesproken, het huurrecht van de echtelijke woning wordt aan de vrouw toegekend en de huwelijksgemeenschap wordt verdeeld conform overeenstemming partijen.