Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
bijlage Idie aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd.
3.Waardering van het bewijs
“ben actief 24/7 gr. [bijnaam verdachte] ”. [2] De naam [bijnaam verdachte] wordt vervolgens in verband gebracht met verdachte en zijn vader (en medeverdachte) [medeverdachte 1] [3] . In mei 2021 wordt een machtiging afgegeven voor een telefoontap op het nummer [telefoonnummer 1] . Dan blijkt dat het nummer niet meer in gebruik is. Via een analyse van telefoonnummers die vaak contact hadden met [telefoonnummer 1] , komt de politie uit bij een nieuwe (opvolgende) deallijn waarvan het telefoonnummer eindigt op [telefoonnummer 2] [4] . Uit onderzoek van de historische contactgegevens van de nummers [telefoonnummer 1] en [telefoonnummer 2] over de voorafgaande periode van 6 maanden, blijkt dat beide telefoonnummers contact hebben gehad met 164 overeenkomstige telefoonnummers [5] .
“ben actief 24/7”gevolgd door de naam “ [bijnaam verdachte] ” naar verdachte te wijzen, maar het enkel gebruik van deze naam is onvoldoende om een daadwerkelijke koppeling te kunnen maken met verdachte. Ook de verklaringen van enkele getuigen dat zij al langere tijd - ook vóór september 2021 - drugs kochten bij verdachte, leiden niet tot een bewezenverklaring van de periode zoals tenlastegelegd. De rechtbank acht de verklaringen van deze getuigen, specifiek ten aanzien van de pleegperiode, daarvoor onvoldoende betrouwbaar. Deze verklaringen zijn immers afkomstig van personen die, naar het zich laat aanzien, al langere tijd harddrugs gebruikten. Zij verklaren dat zij hun drugs hebben afgenomen bij meerdere verkopers, waaronder verdachte en medeverdachte [medeverdachte 2] . Onder die omstandigheden bestaat het risico op verwarring en daarmee op een onzuivere en minder betrouwbare waarneming, zeker waar het gaat om de periode waarover zij – al terugkijkend - verklaren drugs te hebben afgenomen. Bovendien neemt de rechtbank in haar overweging mee dat de verklaringen van de meeste getuigen niet getoetst konden worden bij de rechter-commissaris, aangezien deze getuigen zich daar op hun verschoningsrecht hebben beroepen. Getuige [getuige 1] heeft wel verklaard bij de rechter-commissaris. De rechtbank constateert echter dat haar verklaring niet (geheel) consistent is en om die reden minder betrouwbaar is.
4.Bewezenverklaring
5.Strafbaarheid van de feiten
6.Strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de straffen en maatregelen
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
4 (vier) maanden.