ECLI:NL:RBAMS:2026:548
Rechtbank Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Wijziging van bijzondere voorwaarden na veroordeling tot voorwaardelijke straf
Op 16 januari 2026 heeft de Rechtbank Amsterdam een beschikking gegeven in de zaak met parketnummer 13/150320-24. De rechtbank heeft de vordering van de officier van justitie tot wijziging van de bijzondere voorwaarden opgelegd bij een eerder vonnis van 26 maart 2025, waarin de veroordeelde een gevangenisstraf van achttien maanden kreeg opgelegd, waarvan vijftien maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De bijzondere voorwaarde die werd gewijzigd betreft het locatieverbod, dat oorspronkelijk inhield dat de veroordeelde zich niet binnen een straal van vijf kilometer rondom een specifiek adres mocht bevinden, met elektronische monitoring. De officier van justitie heeft op basis van een advies van de reclassering verzocht om deze voorwaarde te versoepelen, gezien de positieve ontwikkeling van de veroordeelde tijdens de proeftijd. De rechtbank heeft de vordering van de officier van justitie toegewezen en het locatieverbod gewijzigd, zodat de veroordeelde zich enkel niet meer mag begeven in het stadsdeel Amsterdam-Noord. De beslissing is genomen op basis van artikel 14f, tweede lid van het Wetboek van Strafrecht, en is uitgesproken in aanwezigheid van de rechters en de griffier.