Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBAMS:2026:5703

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
27 mei 2026
Publicatiedatum
8 juni 2026
Zaaknummer
C/13/772457
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Op tegenspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 704 RvArt. 705 RvVerordening (EU) Nr. 1215/2012 (Brussel I-bis)Verordening (EU) nr. 593/2008 (Rome I)Verordening (EU) nr. 864/2007 (Rome II)
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Uitleg en afwikkeling reclameovereenkomst bij gewijzigde kansspelwetgeving

Sagevas en FC Afkicken sloten een exclusieve reclameovereenkomst waarbij Sagevas vooraf € 420.000 betaalde. Door gewijzigde kansspelwetgeving kon FC Afkicken de diensten niet leveren en ontbond Sagevas de overeenkomst. Sagevas vorderde terugbetaling van de bedragen, terwijl FC Afkicken stelde dat het om voorinvesteringen ging die zij mocht behouden en vorderde betaling van € 150.000.

De rechtbank oordeelde dat artikel 5.4 van de overeenkomst geen zelfstandige ontbindingsgrond biedt, maar slechts een overlegplicht bij gewijzigde wetgeving. De overeenkomst was feitelijk geëindigd, maar de verstrekte bedragen kwalificeren als investeringen zonder dat daar diensten tegenover stonden. FC Afkicken mocht deze bedragen behouden en Sagevas mocht niet op terugbetaling vertrouwen.

Het niet-ondertekende addendum verhoogde de voorinvestering tot € 570.000, waarvan € 420.000 was betaald. De rechtbank oordeelde dat FC Afkicken op grond van gedragingen mocht vertrouwen dat zij de reeds betaalde bedragen mocht behouden, maar geen recht had op de resterende € 150.000. De exclusiviteitsverplichting van FC Afkicken was niet geschonden. De vorderingen van beide partijen werden afgewezen en de proceskosten werden gecompenseerd.

Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van beide partijen af en compenseert de proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK Amsterdam

Civiel recht
Zaaknummer: C/13/772457 / HA ZA 25-1288
Vonnis van 27 mei 2026
in de zaak van
de rechtspersoon naar buitenlands recht
SAGEVAS S.A./N.V.,
te Brussel (België),
eisende partij,
hierna te noemen: Sagevas,
advocaat: mr. M.I. Robichon-Lindenkamp,
tegen
FC AFKICKEN B.V.,
te Amsterdam,
gedaagde partij,
hierna te noemen: FC Afkicken,
advocaat: mr. L.I. Duterloo.

1.Kern van deze zaak

1.1.
Sagevas en producent van sportmedia FC Afkicken hebben een overeenkomst gesloten op grond waarvan FC Afkicken tegen betaling en op exclusieve basis kansspelaanbieder betFIRST zou promoten in haar media. Voorafgaand aan de uitvoering van die overeenkomst heeft Sagevas € 420.000,00 aan FC Afkicken betaald. FC Afkicken heeft uiteindelijk geen diensten verricht, omdat Sagevas in de gewijzigde wet- en regelgeving voor kansspelreclames reden zag om de samenwerkingsovereenkomst te ontbinden. Sagevas vordert in conventie terugbetaling van de verstrekte bedragen, die zij aanmerkt als voorschotten. FC Afkicken stelt daarentegen dat sprake is van voorinvesteringen die zij mag behouden, en meent dat Sagevas nog € 150.000,00 verschuldigd is. In reconventie vordert FC Afkicken betaling daarvan. De rechtbank wijst zowel de vorderingen van Sagevas als die van FC Afkicken af. Dit wordt hierna toegelicht.

2.De procedure

2.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 27 juni 2025,
- de akte overlegging aanvullende producties tevens akte vermeerdering van eis van 16 juli 2025,
- de conclusie van antwoord van 27 augustus 2025,
- de conclusie van antwoord in reconventie van 22 oktober 2025,
- het tussenvonnis van 26 november 2025, waarin mondelinge behandeling is bepaald,
- de akte overlegging aanvullende producties van FC Afkicken van 20 maart 2026,
- de brief van Sagevas met bezwaar tegen de aanvullende producties FC Afkicken van 27 maart 2026,
- de brief van FC Afkicken met reactie op het bezwaar van Sagevas van 27 maart 2026,
- het verkorte proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 31 maart 2026 en de daarin genoemde stukken. De zittingsaantekeningen van de griffier zijn in het dossier gevoegd.
2.2.
De rechtbank heeft ten slotte bepaald dat zij vandaag uitspraak doet.
2.3.
De feiten
2.4.
Eiseres Sagevas exploiteert online en offline kansspelen onder de naam ‘betFIRST’ en richt zich daarbij primair op de Belgische markt. FC Afkicken produceert sportprogramma’s op YouTube, sociale media, podcast-kanalen en haar eigen website. [naam 1] (hierna: [naam 1] ) is [functie 1] van FC Afkicken.
2.5.
Op 1 april 2021 is de Wet Kansspelen op afstand (Wet Koa) in werking getreden. Vanaf dat moment werd het mogelijk om een vergunning aan te vragen voor het aanbieden van online kansspelen in Nederland (hierna: Koa-vergunning). De eerste Koa-vergunningen zouden op 1 oktober 2021 worden verleend.
Onderhandelingen tussen partijen
2.6.
In het kader van de opening van de online kansspelenmarkt in Nederland zijn Sagevas en FC Afkicken met elkaar in overleg getreden over een samenwerking, waarbij FC Afkicken betFIRST zou promoten in haar media.
2.7.
Partijen hebben tijdens de onderhandelingen gecorrespondeerd over bedragen die Sagevas aan FC Afkicken zou verstrekken voorafgaand aan de totstandkoming van de samenwerkingsovereenkomst. In eerste instantie is er gesproken over betaling van € 220.000,00, welk bedrag later zou worden verrekend met de vergoeding die FC Afkicken zou ontvangen voor haar diensten. Sagevas heeft deze betaling aangeduid als “
voorfinanciering” en FC Afkicken als “
voorinvestering”.
2.8.
Op 5 mei 2021 heeft FC Afkicken de volgende e-mail aan Sagevas gestuurd, waarop Sagevas vervolgens heeft geantwoord (hieronder onderstreept weergegeven):

Overeenkomst 2021
Voor de resterende maanden van 2021 hebben we afgesproken dat we op basis van een soort opdrachtovereenkomst werken. Hiertegenover staat een totaal vergoeding van € 220k ex btw. Mocht de licentie niet toegewezen worden, dan verrekenen wij deze voorinvestering met de toekomstige deal die we voor FC Afkicken België maken.
Top
Mijn voorstel is om vier facturen voor in totaal van € 220k ex btw te sturen op basis van het
onderstaande, om de voorinvestering zo goed mogelijk te gebruiken.
Mei 2021: € l00k ex btw
Aug 2021: € 40k ex btw
Sep 2021: €40k ex btw
Nov 2021: €40k ex btw
Totaal: € 220k ex btw
Top, graag in ENG ([naam 3]:)), de schijven zijn ook in orde
2.9.
Op 2 september 2021 heeft Sagevas in het kader van het opstellen van de samenwerkingsovereenkomst per e-mail het volgende aan FC Afkicken bericht:

Jullie aanpassingen mbt 3.9. De investeringen die worden gedaan, zijn ook bedoeld om jouw kanalen / business mee te doen groeien en hiervoor komen we objectieven overeen. (…)”
De Overeenkomst
2.10.
Op 20 september 2021 hebben partijen een
Partnership Agreement(hierna: de Overeenkomst) getekend. In de considerans is in overweging C opgenomen:
"Parties would like to enter into an exclusive partnership collaboration, with the purpose of growing the business and brands of FC Afkicken on the one side and actively activate BetFIRST as the online gambling operator in The Netherlands on the other side”.
2.11.
In de Overeenkomst zijn, voor zover hier van belang, verder de volgende bepalingen opgenomen:
“Services Start Date”: means the date BetFIRST has been granted its KOA licence (Kansspelen Op Afstand licentie) to operate and advertise in the Netherlands and begins its operations, but no later than the of April 2022.
2.2
Parties wish to enter into an exclusive partnership collaboration in respect of the Content of FC Afkicken, for which BetFIRST shall pay FC Afkicken the remuneration referred to in Article 5 and shall in return be the exclusive Betting party of FC Afkicken.
3.2
FC Afkicken creates sports-related content for the Channels, in which the (image) brand of BetFlRST shall be incorporated naturally. (...)
3.3
Parties have agreed that the BetFIRST brand is positively incorporated in the content and on the platforms.
4.1
Since exclusivity is of the essence for BetFIRST to enter into this Agreement without which Parties would not have contracted, FC Afkicken guarantees exclusivity in the gaming sector (betting - poker - casino and other games), online, mobile and offline. Without the prior written approval of BetFIRST, FC Afkicken undertakes not to enter into a consultancy or other similar agreements as this Agreement with suppliers and organizers of these services and products, and to refrain from rendering any services in any manner whatsoever, directly or indirectly, for other suppliers and organizers of these services and products throughout the term of this Agreement. (…)
4.3
Any violation of exclusivity by FC Afkicken gives BetFIRST the right to immediately terminate this Agreement and claim damages.(…)
If FC Afkicken does not respect this exclusivity in accordance with the provisions of this article, an indemnity of € 25.000 (twenty-five thousand euros) shall be due to BetFIRST without any formality, without prejudice to BetFIRST’s right to claim compensation for the damage actually suffered, both in and out of court.
5.4
If as a result of changes in legislation or other relevant legislative areas applicable to this Agreement in the Netherlands on (advertising and/or publicity concerning) games of chance, the performance of the subject matter of this Agreement becomes impossible, seriously restricted or hindered in such a way that the this Agreement becomes any empty shell, Parties shall enter into meetings to discuss the consequences and effect to this Agreement and discuss in good faith (the terms of) the continuation of this Agreement, whereas the outcome of these meetings might, amongst others, result in:
- Proportionally reduce the Services and the fees for the reduced Services payable under this Agreement; or
- Termination of this Agreement, without any compensation or indemnity being payable to FC Afkicken for the fact of termination.
5.5
BetFIRST is entitled to terminate (opzeggen) this Agreement with immediate effect, without legal intervention being required, wholly or partially, in the event that BetFIRST does not obtain a KOA license for the Dutch market by 1 April 2022 (“Ultimate License Date”)
5.6
In case of termination of this Agreement, FC Afkicken shall be entitled to the Renumeration for the Services effectively rendered until the date of effective termination of this Agreement.
6.1
Parties have agreed upon a fee of 2,100,000 (two million one hundred thousand euros) excluding VAT applicable (the “Remuneration”) for the Term of this Agreement to be invoiced as follows:
year 1 — start date of invoicing: as from date of go live of website for Dutch market and marketing (“Go Live Date”), amount of 600,000 (six hundred thousand euros) to be invoiced in 12 (twelve) equal monthly instalments of € 50,000 (fifty thousand euros) as from the Go Live Date;
year 2 — invoicing: as from first anniversary of the Go Live Date, amount of € 700,000 (seven hundred thousand euros) to be invoiced in 12 (twelve) equal monthly instalments of € 58,333.33 (fifty-eight thousand three hundred thirty three euros and thirty-three eurocents); and
year 3 — invoicing: as from second anniversary of the Go Live Date, an amount of
€ 800,000 (eight hundred thousand euros) to be invoiced in 12 (twelve) equal monthly instalments of 66,666.67 (sixty-six thousand six hundred sixty-six euros and sixty-seven eurocents.
6.2
FC Afkicken invoices the Remuneration on the 15th day of each month, unless another invoicing method has been agreed. FC Afkicken is, however, entitled to partial and advance invoicing, if and insofar as this can be considered reasonable and fair in view of the scope and nature of the work.
6.4
If this Agreement is terminated on the Ultimate License Date as a result of BetFIRST not obtaining the a KOA license, the total remuneration owed by BetFIRST to FC Afkicken shall amount to 220.000 (two hundred twenty thousand euros) exclusive of VAT if applicable (the “Pre-Payment’), for which Pre Payment Parties undertake to agree upon a future deal for FC Afkicken Belgium.
14.2
No amendment to this Agreement shall be effective against any Party hereto unless made in writing and signed by all Parties to this Agreement.
2.12.
In de periode mei tot november 2021 heeft Sagevas in totaal € 220.000,00 aan FC Afkicken betaald.
Het Addendum
2.13.
Op 19 april 2022 heeft [naam 2] (
[functie 2]bij Sagevas) per e-mail een addendum op de Overeenkomst (hierna: het Addendum) met FC Afkicken gedeeld. Het Addendum heeft als doel om de rechten en plichten van Sagevas uit hoofde van de Overeenkomst op Premier Betting Services Ltd. (hierna: PBS) over te dragen als gevolg van een herstructurering. Het Addendum bevat, voor zover van belang, de volgende bepalingen:

2. The Parties are aware of the fact that the Renumeration amounts to € 2.100.000 (two million one hundred thousand euros) excluding VAT of which SAGEVAS has already paid € 570.000,- (five hundred seventy thousand euros) in accordance with the Agreement. (…)
3. The Parties agree that the Pre-payment instalments provided for in section 6.4 Remuneration shall be modified as follows:
If the Agreement is terminated on the Ultimate License Date as a result of SAGEVAS not obtaining the a KOA license, the total remuneration owed by SAGEVAS to FC Afkicken shall amount to € 570.000 (five hundred seventy thousand euros) exclusive of VAT if applicable (the “Pre-Payment, for which Pre Payment Parties undertake to agree upon a future deal for FC Afkicken Belgium. (...)
The Pre-Payment invoiced by FC Afkicken to PBS shall be in accordance with the terms of this agreement as follows:
(5) April 2022: €100,000 (…)
(6) May 2022: €50,000 (…)
(7) June 2022: €50,000 (…)
(8) July 2022: €50,000 (…)
(9) August 2022: €50,000 (…)
(10) September 2022: €50,000 (…)
The Parties agree that this Amendment Agreement shall be electronically signed and that the electronically signed agreement shall have the same legal value if it were signed by means of a handwritten signature.”
2.14.
Het Addendum is niet ondertekend. Op 21 april 2022 heeft Sagevas een bedrag van € 100.000,00 aan FC Afkicken betaald. In mei 2022 volgden er twee betalingen van elk € 50.000,00, zodat Sagevas in totaal € 420.000,00 aan FC Afkicken heeft overgemaakt.
Ontstaan van het geschil
2.15.
Op 2 mei 2022 is de Regeling tot wijziging van artikel 4 van Pro de Regeling werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen gepubliceerd. Op grond daarvan is het vanaf 30 juni 2022 verboden om rolmodellen te gebruiken in gokreclames voor onder meer kansspelen op afstand. Op 10 juli 2022 is het (concept) Besluit tot wijziging van het Besluit werving, reclame en verslavingspreventie (hierna: het Conceptbesluit) voor consultatie gepubliceerd. Het Conceptbestluit verbiedt een Koa-vergunninghouder onder meer kansspelreclame te richten op personen tussen 18 en 24 jaar.
2.16.
Sagevas zag in de (concept)wijzigingen van de wet- en regelgeving reden om met FC Afkicken in gesprek te gaan over of en op welke wijze de samenwerking zou kunnen worden voortgezet.
2.17.
In haar brief van 29 augustus 2022 heeft Sagevas, samengevat, met verwijzing naar artikel 5.4 van de Overeenkomst aan FC Afkicken geschreven dat partijen de afgelopen periode meerdere malen met elkaar hebben gesproken over de gevolgen van de gewijzigde wet- en regelgeving voor de Overeenkomst maar dat overeenstemming is uitgebleven. Zij schrijft verder dat een samenwerking niet meer mogelijk is onder de nieuwe wet- en regelgeving en sommeert FC Afkicken om binnen 7 dagen met haar een oplossing hiervoor te vinden. Bij brief van 12 september 2022 heeft FC Afkicken op haar beurt geschreven dat de wet- en regelgeving niet dusdanig wijzigt dat geen enkele samenwerking mogelijk is en Sagevas gesommeerd tot betaling van € 100.000,00 vermeerderd met buitengerechtelijke kosten. Sagevas heeft daarop per brief van 23 september 2023 gereageerd en gesteld niet gehouden te zijn tot betaling, en FC Afkicken gesommeerd om in overleg te treden over de consequenties van de wijzigingen in de wet- en regelgeving voor de Overeenkomst. Op 4 oktober 2022 heeft er een gesprek tussen partijen plaatsgevonden.
2.18.
Bij brief van 5 oktober 2022 heeft Sagevas de Overeenkomst buitengerechtelijk ontbonden en FC Afkicken gesommeerd om de verstrekte bedragen terug te betalen. Op 2 november 2022 heeft FC Afkicken per e-mail aan Sagevas meegedeeld dat zij zich vrij voelt om met andere partijen te onderhandelen.
2.19.
FC Afkicken is samenwerkingen aangegaan met andere kansspelaanbieders, waardoor in media die tijdens de looptijd van de Overeenkomst zijn uitgebracht, reclame voor andere kansspelmerken te horen en te zien is (geweest).
2.20.
Op 4 en 10 juni 2025 heeft Sagevas conservatoir derdenbeslag gelegd op de bankrekeningen van FC Afkicken.

3.Het geschil

De vorderingen van Sagevas (conventie)
3.1.
Sagevas vordert – samengevat – dat de rechtbank bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis:
I. Voor recht verklaart dat de Overeenkomst op 5 oktober 2022 rechtsgeldig is ontbonden;
II. Voor recht verklaart dat FC Afkicken in strijd met artikel 4 Overeenkomst Pro heeft gehandeld;
III. De Overeenkomst ontbindt;
IV. FC Afkicken veroordeelt tot (terug)betaling van, althans een schadevergoeding ter hoogte van, een bedrag van € 420.000,00, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf de ontbinding van de Overeenkomst;
V. FC Afkicken veroordeelt tot betaling van € 25.000,00, te vermeerderen met wettelijke (handels)rente per datum van het intreden van verzuim;
VI. FC Afkicken veroordeelt tot betaling van de proceskosten met wettelijke rente, buitengerechtelijke incassokosten en de beslagkosten met wettelijke (handels)rente.
3.2.
Sagevas legt het volgende aan de vorderingen ten grondslag. Primair stelt Sagevas dat zij de Overeenkomst rechtsgeldig heeft ontbonden omdat verdere samenwerking in verband met de gewijzigde wet- en regelgeving niet meer mogelijk was, zodat de getroffen verplichtingen ongedaan moeten worden gemaakt. Dat betekent dat FC Afkicken € 420.000,00 moet terugbetalen. Dit bedrag is namelijk als voorschot overgemaakt aan FC Afkicken. Subsidiair moet de Overeenkomst alsnog ontbonden worden, wegens de tekortkoming in de nakoming van de overlegverplichting van FC Afkicken op grond van artikel 5.4 van de Overeenkomst. FC Afkicken heeft daarnaast haar exclusiviteitsverplichting uit artikel 4 van Pro de Overeenkomst geschonden. Ook dat is een grond voor ontbinding en betekent bovendien dat FC Afkicken een boete moet betalen van € 25.000,00. Meer subsidiair stelt Sagevas dat er ten aanzien van de vooruitbetaalde bedragen sprake is van ongerechtvaardigde verrijking van FC Afkicken en dat FC Afkicken op die grondslag € 420.000,00 aan schade moet vergoeden. Meest subsidiair voert Sagevas aan dat de € 420.000,00 wegens beëindiging van de overeenkomst op grond van artikel 5.6 Overeenkomst moet worden terugbetaald. FC Afkicken heeft immers geen diensten geleverd, aldus Sagevas.
3.3.
FC Afkicken voert verweer. Zij concludeert tot niet-ontvankelijkheid van Sagevas, dan wel tot afwijzing van de vorderingen van Sagevas, met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van Sagevas in de kosten van deze procedure.
De tegenvorderingen van FC Afkicken (reconventie)
3.4.
FC Afkicken vordert – samengevat – dat de rechtbank bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis:
I. Sagevas veroordeelt tot betaling van € 150.000,00 te vermeerderen met btw;
II. Sagevas veroordeelt om alle ten laste van FC Afkicken gelegde conservatoire (derden)beslagen onmiddellijk na betekening van vonnis op te heffen op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 50.000,00 per dag;
III. FC Afkicken veroordeelt tot betaling van de proceskosten.
3.5.
FC Afkicken legt aan de vorderingen het volgende ten grondslag. Het door Sagevas aan FC Afkicken verstrekte bedrag van € 420.000,00 is een voorinvestering waar geen verplichting tegenover staat. Op grond van het Addendum is een totale voorinvestering van € 570.000,00 overeengekomen. Sagevas is daardoor nog een bedrag van € 150.000,00 verschuldigd. Ter zitting heeft FC Afkicken zich op het standpunt gesteld dat de niet-rechtsgeldige ontbinding leidt tot een schadevergoedingsplicht die bestaat uit het overeengekomen contractsbelang van € 570.000,00, zodat FC Afkicken ook op die grond nog € 150.000,00 moet betalen. Verder is het gelegde conservatoire derdenbeslag onrechtmatig omdat Sagevas geen vordering heeft, waardoor het beslag moet worden opgeheven, aldus FC Afkicken.
3.6.
Sagevas voert verweer. Sagevas concludeert tot niet-ontvankelijkheid van FC Afkicken, dan wel tot afwijzing van de vorderingen van FC Afkicken, met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van FC Afkicken in de kosten van deze procedure.
3.7.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

Bevoegdheid en toepasselijk recht
4.1.
Sagevas is gevestigd in België en FC Afkicken in Nederland. De zaak heeft daarom een internationaal karakter. De rechtbank zal eerst beoordelen of zij bevoegd is en welk recht van toepassing is.
4.2.
De bevoegdheid moet worden beoordeeld aan de hand van de Brussel I-bis Verordening. [1] FC Afkicken is namelijk in Nederland gevestigd en de vordering betreft een burgerlijke- of handelszaak die is ingesteld na 10 januari 2015. Partijen hebben in artikel 13.2 van de Overeenkomst de rechtbank Amsterdam als bevoegde rechtbank aangemerkt, zodat deze rechtbank op grond van artikel 25 Brussel Pro I-bis bevoegd is om kennis te nemen van dit geschil.
4.3.
De vraag welk recht van toepassing is, wordt beantwoord op basis van de Rome I-verordening [2] , aangezien het gaat om een burgerlijk geschil waarbij de overeenkomst op of na 17 december 2009 is gesloten en de in artikel 1 Rome Pro I genoemde uitzonderingen niet van toepassing zijn. In deze zaak is een rechtskeuze in de zin van artikel 3 lid 1 Rome Pro I gemaakt voor Nederlands recht, zo blijkt uit artikel 13.1 van de Overeenkomst. Daarom is Nederlands recht van toepassing. Dat geldt op grond van artikel 10 van Pro de Rome II-verordening ook voor de (meest subsidiaire) vordering die op ongerechtvaardigde verrijking is gebaseerd, omdat deze vordering nauw samenhangt met de Overeenkomst. [3]
4.4.
De rechtbank gaat nu over tot de inhoudelijke beoordeling van de geschilpunten. Gelet op de samenhang tussen de vorderingen in conventie en in reconventie zullen deze gezamenlijk worden behandeld.
Is er rechtsgeldig ontbonden?
4.5.
In dit geschil staat de vraag centraal hoe partijen met elkaar moeten afrekenen indien het beroep van Sagevas op ontbinding slaagt. Partijen verschillen daarbij van mening over wat zij hebben afgesproken ten aanzien van het al dan niet behouden van de door Sagevas aan FC Afkicken verstrekte bedragen. Volgens Sagevas zijn de bedragen als voorschotten versterkt, die moet worden terugbetaald. Volgens FC Afkicken is het een voorinvestering die zij mag behouden.
4.6.
Sagevas beroept zich voor ontbinding op artikel 5.4 van de Overeenkomst, welke bepaling volgens haar een zelfstandige grond voor ontbinding vormt. Volgens Sagevas volgt dit uit de tekst van de bepaling, waaraan de rechtbank – gelet op de
entire agreementclausule – doorslaggevend gewicht moet toekennen. In die tekst staat dat zij de overeenkomst mag ontbinden zodra gewijzigde wet- en regelgeving ertoe leidt dat de samenwerking tussen partijen “
seriously restricted”is of tot gevolg heeft dat de Overeenkomst een “
empty shell”wordt. FC Afkicken betwist dat artikel 5.4 een zelfstandige ontbindingsgrond oplevert. Volgens haar schept de bepaling slechts een verplichting tot overleg, waarbij
beëindigingvan de overeenkomst slechts één van de mogelijke uitkomsten is van dat overleg.
4.7.
De rechtbank volgt FC Afkicken in haar lezing dat in artikel 5.4 niet meer staat dan een overlegplicht bij – samengevat – ingrijpend gewijzigde wet- en regelgeving. Uit de letterlijke bewoordingen volgt niet dat Sagevas in dit geval het recht heeft om de Overeenkomst te ontbinden. De tekst schrijft voor dat partijen in dit geval in overleg moeten treden over de gevolgen voor hun samenwerking (“
Parties shall enter into meetings to discuss the consequences and effect to this Agreement and discuss in good faith (the terms of) the continuation of this Agreement”).De tekst vervolgt dat de uitkomst van deze overleggen onder meer tot beëindiging van de overeenkomst zou kunnen leiden (“
the outcome of these meetings might, amongst others, result in (…) termination of this Agreement).Deze tekst wijkt op dit punt af van de gebruikte bewoordingen in de overige bepalingen van artikel 5, waarin Sagevas onweersproken uitdrukkelijk het recht krijgt om de Overeenkomst te beëindigen (zie bijvoorbeeld lid 3: “
entitled to terminate”). Maar zelfs indien Sagevas wordt gevolgd in haar lezing, kan uit de tekst niet worden afgeleid dat sprake is van een bevoegdheid tot ontbinding. Het Engelstalige begrip ‘
termination’ is in artikel 5.4 niet nader in het Nederlands geduid, terwijl partijen in ditzelfde artikel deze term zowel voor ontbinding (in artikel 5.3) als opzegging (in artikel 5.5) gebruiken, zodat ook dit geen uitsluitsel biedt. Gelet op het feit dat het in artikel 5.4 gaat om een situatie waarin geen van beide partijen een verwijt treft (namelijk gewijzigde wet- en regelgeving), houdt de rechtbank het met FC Afkicken ervoor dat hier opzegging is bedoeld. Dit alles betekent dat artikel 5.4 dus geen zelfstandige grond voor ontbinding biedt, zodat Sagevas haar beroep op ontbinding hier niet op kan baseren.
4.8.
Zoals onder 4.28 – 4.30 van dit vonnis nader zal worden toegelicht, kan de rechtbank niet vaststellen dat FC Afkicken haar exclusiviteitsverplichting heeft geschonden zodat dit ook geen grond voor ontbinding biedt. De rechtbank ziet bij die stand van zaken en gelet op de onder 4.9 hierna genoemde redenen aanleiding om verder in het midden te laten of Sagevas de Overeenkomst dan wel op grond van de “overlegplicht” mocht ontbinden. Dat betekent dat de rechtbank niet toekomt aan een beoordeling of Sagevas in verband daarmee terecht heeft gesteld dat (i) de relevante wet- en regelgeving dusdanig zou veranderen dat dit ertoe zou leiden dat de samenwerking tussen partijen “
seriously restricted”is of tot gevolg zou hebben dat de Overeenkomst een “
empty shell”wordt; en (ii) FC Afkicken in het verlengde hiervan niet heeft voldaan aan haar overlegplicht.
De Overeenkomst is feitelijk geëindigd
4.9.
Ook als er namelijk niet is ontbonden, zijn partijen het in ieder geval eens dat zij zich in de praktijk hebben gedragen alsof de Overeenkomst is geëindigd. [4] Hoewel het in dat geval zal gaan om een opzegging door Sagevas of een wederzijdse beëindiging van de Overeenkomst, blijven de geschilpunten over de wijze van afrekening hetzelfde als bij ontbinding. Het gaat dan alsnog om de vragen of de verstrekte bedragen kwalificeren als voorschot of voorinvestering en of het Addendum overeengekomen is. Dit is ter zitting expliciet aan partijen voorgehouden, waarop zij hebben aangegeven dat het voorbijgaan aan ontbinding niet leidt tot een wijziging van hun standpunten noch tot een andere door hen voorgestelde afrekenmethode.
4.10.
Dat is slechts anders voor wat betreft het standpunt van FC Afkicken dat de voorinvestering bij een niet als rechtsgeldig beoordeelde ontbinding zou leiden tot een schadevergoedingsplicht, die mee zou brengen dat FC Afkicken de verstrekte bedragen zou mogen behouden (conventie) en dat Sagevas het restant van € 150.000,00 nog moet voldoen (reconventie). Gelet op het zeer late tijdstip waarop deze rechtsgrond is aangevoerd (ter zitting in de tweede termijn), de beperkte onderbouwing daarvan en het bezwaar van Sagevas, komt de rechtbank vanwege de eisen van de goede procesorde niet toe aan de beoordeling van deze meer subsidiaire grond, noch aan het verzoek van Sagevas om zich daarover bij akte uit te laten.
4.11.
Aangezien de Overeenkomst feitelijk is geëindigd, kan meteen worden beoordeeld hoe partijen met elkaar moeten afrekenen. Dit komt neer op de uitleg van de afspraken over de verstrekte bedragen en het al dan niet aangaan van het Addendum.
De verstrekte bedragen zijn voorinvesteringen
4.12.
Sagevas stelt dat zij alleen een betalingsplicht heeft voor daadwerkelijk verrichte diensten (zie artikel 5.6 van de Overeenkomst) en dat de betaling van € 420.000,00 bij wijze van voorschot is gedaan (zoals voorzien in artikel 6.2 van de Overeenkomst).
4.13.
FC Afkicken bestrijdt dat zij ooit om een voorschot heeft verzocht en verwijst in dat kader naar de e-mailcorrespondentie voorafgaand aan de Overeenkomst. Daaruit blijkt dat aanvankelijk weliswaar is afgesproken dat de betaalde bedragen zouden worden verrekend met facturen zodra de werkzaamheden zouden aanvangen, maar dat partijen nadien zijn overeengekomen dat deze betalingen als investering gelden. Zo heeft Sagevas op 2 september 2021 aan FC Afkicken gemaild: “
De investeringen die worden gedaan, zijn ook bedoeld om jouw kanalen / business mee te doen groeien (..)”. Uiteindelijk is dit volgens haar ook als zodanig in de Overeenkomst vastgelegd. FC Afkicken wijst op overweging C en de groeiverplichting zoals opgenomen in artikel 3 van Pro de Overeenkomst. Daarnaast benadrukt zij dat partijen in de Overeenkomst expliciet onderscheid hebben gemaakt tussen enerzijds betalingen voor werkzaamheden in artikel 6.1 en anderzijds betalingen die als voorinvestering zijn verstrekt in artikel 6.4. De in laatstgenoemd artikel vermelde bedragen komen overeen met de in de e-mailcorrespondentie genoemde bedragen en mogen bij de in de Overeenkomst voorziene reden voor beëindiging van de Overeenkomst wegens het niet verkrijgen van de vereiste Koa-vergunning worden behouden, aldus FC Afkicken.
4.14.
De rechtbank stelt voorop dat Sagevas ten aanzien van de uitleg van de afspraken terecht heeft gesteld dat het relevant is dat partijen een
entire agreement-clausule zijn overeengekomen. Het gaat om een Overeenkomst tussen commerciële partijen, die door advocaten zijn bijgestaan en die hun afspraken uitvoerig schriftelijk hebben vastgelegd. Gelet op de
entire agreement-clausule hebben partijen er kennelijk belang aan gehecht dat dit de gehele afspraken zou weergeven. De rechtbank kent bij de uitleg van de afspraken over de verstrekte bedragen daarom een zeker gewicht hieraan toe, maar zal daarbij ook rekening moeten blijven houden met overige relevante omstandigheden bij de vraag welke betekenis partijen over en weer redelijkerwijs aan de afspraken over de verstrekte bedragen mochten toekennen en wat zij wat dat betreft redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten.
4.15.
Bij die omstandigheden rekent de rechtbank in ieder geval dat partijen voorafgaand aan de Overeenkomst uitvoerig hebben gecorrespondeerd over de verstrekte bedragen. FC Afkicken wordt gevolgd in haar standpunt dat daaruit blijkt dat partijen in ieder geval toen hebben afgesproken dat FC Afkicken deze bedragen zou mogen behouden en dat Sagevas deze bedragen zelf ook investeringen noemt (zie nummer 2.9 hiervoor). Hoewel Sagevas op haar beurt terecht heeft aangevoerd dat dit niet met zoveel woorden in de Overeenkomst is opgenomen, geldt dat in artikel 6.4 wel expliciet is bepaald dat FC Afkicken deze gelden mag behouden als Sagevas geen Koa-vergunning verkrijgt en de Overeenkomst om die reden moet beëindigen. In dat geval zijn partijen volgens deze bepaling gehouden om in overleg te treden over een mogelijke voortzetting in België.
4.16.
Sagevas heeft niet nader toegelicht waarom de door haar gestelde onmogelijkheid om diensten te verrichten, tot andere rechtsgevolgen zou moeten leiden dan de – wél geregelde – situatie van het al dan niet verkrijgen van een Koa-vergunning. Sagevas heeft verder geen stukken overgelegd die haar standpunt onderbouwen dat het om een voorschotbetaling gaat zoals bedoeld in artikel 6.2 van de Overeenkomst. Hiertoe heeft Sagevas desgevraagd geen verzoeken van FC Afkicken kunnen overleggen, terwijl de tekst van de Overeenkomst dicteert dat het verstrekken van een voorschot slechts bij uitzondering mogelijk is. Bovendien bepaalt artikel 6.2 dat van voorschotbetaling alleen sprake kan zijn voor zover dit redelijk en billijk is gelet op de omvang en aard van de werkzaamheden, terwijl tussen partijen niet in geschil is dat de werkzaamheden niet zijn aangevangen. Daarbij biedt ook de omschrijving op de facturen geen steun voor het standpunt van Sagevas, nu daarop slechts “advieswerkzaamheden” wordt vermeld, zonder nadere aanwijzing dat het om voorschotbetalingen in de zin van artikel 6.2 zou gaan.
4.17.
De rechtbank constateert met FC Afkicken dat de bedragen op de facturen overeenkomen met het voorstel in de e-mail van FC Afkicken welke door Sagevas is geaccepteerd en waarbij de term “voorinvestering” is gebruikt (zie nummer 2.8 hiervoor). Het in artikel 6.4 van de Overeenkomst genoemde bedrag sluit daarbij aan. De rechtbank overweegt voorts dat FC Afkicken terecht heeft aangevoerd dat overweging C van de Overeenkomst erop wijst dat partijen voor ogen stond de onderneming van FC Afkicken te laten groeien. Dit sluit aan bij de correspondentie waarnaar FC Afkicken heeft verwezen, alsmede bij e-mails van Sagevas zelf (zie de e-mail in nummer 2.9 hiervoor: “
de investeringen die worden gedaan, zijn ook bedoeld om jouw kanalen / business mee te doen groeien en hiervoor komen we objectieven overeen”. FC Afkicken heeft er terecht op gewezen dat partijen vervolgens ook concrete afspraken hebben gemaakt over de verwachte groei van haar bedrijf, als het gaat om aantal luisteraars en volgers (in artikel 3.8 van de Overeenkomst).
4.18.
Gelet op het voorgaande volgt de rechtbank FC Afkicken in haar standpunt dat het gaat om bedragen die zijn verstrekt als investering, zonder dat daar werkzaamheden als bedoeld in artikel 6.1 van de Overeenkomst en in het verlengde daarvan daadwerkelijk verrichte diensten als bedoeld in artikel 5.6, tegenover stonden.
4.19.
Als gevolg hiervan mocht Sagevas er niet op vertrouwen dat FC Afkicken deze bedragen moet terugbetalen en mocht FC Afkicken er op haar beurt op vertrouwen dat zij deze bedragen mocht behouden. De rechtbank merkt tot slot op dat zij hierbij rekening heeft gehouden met het standpunt van Sagevas dat zij bij deze conclusie gelden aan FC Afkicken heeft verstrekt, zonder dat daar iets tegenover stond. Voor zover zij hiermee heeft betoogd dat dit nooit de partijbedoeling kan zijn geweest, volgt de rechtbank FC Afkicken in haar standpunt dat verder niet in het geschil is dat FC Afkicken deze gelden net zo goed mocht behouden in de situatie dat Sagevas geen Koa-vergunning had gekregen (zoals volgt uit artikel 6.4 van de Overeenkomst). Partijen hebben zelf ook blijkens overweging C voor ogen gehad om de onderneming van FC Afkicken als exclusieve partner van Sagevas te laten groeien.
4.20.
Met het oordeel dat sprake is van investeringen, falen ook de stellingen gebaseerd op ongerechtvaardigde verrijking en artikel 5.6 van de Overeenkomst, waarin is bepaald dat bij
terminationuitsluitend hoeft te worden betaald voor verrichte diensten. De betaalde bedragen kwalificeren op grond van het voorgaande immers als investeringen die losstaan van de te verlenen diensten. Ook een beroep op ongerechtvaardigde verrijking slaagt niet, omdat daarvoor is vereist dat een rechtsgrond ontbreekt. Die rechtsgrond ligt hier juist in de tussen partijen gemaakte afspraak dat de bedragen als investeringen worden gedaan, zonder dat daar een terugbetalings- of vergoedingsverplichting tegenover staat.
Geen samenwerking in België
4.21.
De rechtbank stelt vast dat de Overeenkomst niet voorziet in de situatie die zich hier voordoet, waarbij een overleg tussen partijen na een beëindiging niet tot nadere afspraken over een samenwerking in België heeft geleid. Niet in het geschil is dat er, ook in deze situatie, een verplichting is in België een samenwerking aan te gaan. Zowel Sagevas als FC Afkicken wijzen daarbij op artikel 6.4 van de Overeenkomst en diverse e-mails. Sagevas heeft ter zitting te kennen gegeven dat samenwerking daar ook niet meer mogelijk zou zijn in verband met strengere wet- en regelgeving. Hoe verder met die gestelde onmogelijkheid zou moeten worden omgegaan in het kader van het mogen behouden van de verstrekte bedragen is door Sagevas niet toegelicht. De rechtbank gaat daarom aan deze verplichting voorbij en stelt vast dat partijen daar blijkbaar geen uitvoering aan hebben kunnen of willen geven.
Het Addendum; FC Afkicken mag bedragen behouden
4.22.
Het staat vast dat partijen hebben gecorrespondeerd over een addendum bij de Overeenkomst, welke tot doel had om onder meer de startdatum te verlaten en om PBS de verplichtingen onder de Overeenkomst van Sagevas te laten overnemen. Voorts staat vast dat partijen het in artikel 6.4 van de Overeenkomst genoemde bedrag wensten te verhogen tot € 570.000,00. In het niet-ondertekende Addendum is met betrekking tot deze verhoging voorzien in betaling in zes termijnen, welke door FC Afkicken zouden worden gefactureerd. FC Afkicken heeft de eerste drie facturen overeenkomstig deze regeling gefactureerd en betaald gekregen. De laatste drie facturen zijn verzonden, maar onbetaald gebleven.
4.23.
Sagevas stelt dat de drie na het opstellen van het Addendum betaalde bedragen (totaal € 200.000,00) moeten worden terugbetaald, omdat het Addendum volgens haar nooit overeengekomen is en het ging om voorschotbetalingen in de zin van artikel 6.2 van de Overeenkomst. Sagevas betoogt dat het Addendum alleen bindend kan zijn indien het door beide partijen is ondertekend, hetgeen niet is gebeurd. FC Afkicken voert daarentegen aan dat zij gerechtigd is de bedragen van de eerste drie facturen onder het Addendum te behouden en vordert in reconventie betaling van de laatste drie facturen. Volgens FC Afkicken mocht zij erop vertrouwen dat overeenstemming over het Addendum was bereikt, omdat partijen uitvoering hebben gegeven aan de inhoud ervan.
4.24.
De rechtbank stelt voorop dat partijen het eens zijn dat het Addendum niet is ondertekend en dat het Addendum een bepaling bevat dat deze pas bindend is bij ondertekening. Sagevas heeft daarnaast terecht betoogd dat het Addendum strekt tot wijziging van de Overeenkomst en dat in die Overeenkomst is bepaald dat wijzigingen pas bindend zijn zodra deze schriftelijk en ondertekend zijn. De rechtbank volgt Sagevas in haar standpunt dat deze vormvereisten in beginsel in de weg staan aan een gerechtvaardigd totstandkomingsvertrouwen van FC Afkicken, als het gaat om het Addendum als zodanig. Tegelijk stelt zij echter vast dat de omstandigheden in deze zaak maken dat FC Afkicken er wel op mocht vertrouwen dat zij de op grond van dit document reeds verstrekte bedragen mocht behouden.
4.25.
Die omstandigheden houden in dat de bewuste facturen voor die bedragen na het versturen van het Addendum zijn uitgebracht en conform dit Addendum aan PBS zijn gericht. Verder komen de bedragen in termijn en bedrag overeen met het betaalschema (zie nummer 2.13) . FC Afkicken heeft de facturen op deze wijze uitgebracht, nadat zij van Sagevas zelf desgevraagd per e-mail de facturatiegegevens van PBS verkreeg. De rechtbank volgt FC Afkicken in het standpunt dat zij op grond van het e-mailverkeer en de daadwerkelijke betaling erop mocht vertrouwen dat partijen het eens waren over de te verstrekken bedragen, omdat zij hieruit mocht afleiden dat de [functie 3] van Sagevas deze bedragen heeft goedgekeurd. [naam 2] heeft de facturatiegegevens namelijk verstrekt met de mededeling: “
Dan heb je deze alvast en zodra [naam 3] [[functie 3] van Sagevas] me feedback heeft bezorgd, kan je me de factuur mailen en laat ik ze verwerken met spoed”. Ook de beschrijving op de facturen (“
advieswerkzaamheden”) is tussen partijen afgestemd, waarna [naam 2] in dat verband mailde: “
ik zal hier vaart achter zetten, maar dit dient door [naam 3] ook goedgekeurd te worden. Maar dit kan snel.” Daarna volgde betaling van de eerste drie facturen. Hieruit blijkt dat de bedragen conform het door [naam 2] gemaakte voorbehoud blijkbaar zijn goedgekeurd voor de [functie 3] van Sagevas, of dat FC Afkicken hier in ieder geval op mocht vertrouwen, zodat FC Afkicken terecht heeft aangevoerd dat de betaling van deze bedragen overeengekomen is. Omdat partijen ten aanzien van deze bedragen op grond van dezelfde redenen hebben aangevoerd dat het om een voorinvestering (FC Afkicken) dan wel een voorschot (Sagevas) gaat, geldt in het verlengde van hiervoor is overwogen dat deze bedragen net zo goed kwalificeren als investering zonder dat daar werkzaamheden tegenover stonden (zie rechtsoverweging 4.12 - 4.19).
4.26.
Dit alles brengt mee dat FC Afkicken erop mocht vertrouwen dat zij de verstrekte bedragen mocht behouden.
Sagevas hoeft de onbetaalde facturen niet te betalen
4.27.
Ten aanzien van de laatste drie onbetaalde facturen van € 150.000,00 oordeelt de rechtbank als volgt. Ten tijde van het verzenden daarvan waren partijen het erover eens dat de gewijzigde wetgeving in ieder geval aan
onverkortenakoming van de Overeenkomst in de weg stond. Uit het uitblijven van betaling kon bovendien ten aanzien van deze facturen en anders dan hiervoor is geoordeeld geen instemming van de [functie 3] van Sagevas worden afgeleid. Zoals hiervoor is vastgesteld kan dit vertrouwen ook niet uit het niet-ondertekende Addendum worden afgeleid. Onder die omstandigheden mocht FC Afkicken er niet op vertrouwen dat zij alsnog recht had op betaling van deze bedragen. Dat betekent dat FC Afkicken geen recht heeft op betaling van € 150.000,00 en de vorderingen in reconventie worden afgewezen.
Exclusiviteit niet geschonden
4.28.
Partijen hebben verder nog een geschil over de vraag of FC Afkicken voorafgaand aan de beëindiging van de Overeenkomst haar exclusiviteitsverplichtingen heeft geschonden. Sagevas stelt zich op het standpunt dat FC Afkicken gedurende de exclusiviteitsperiode samenwerkingen is aangegaan met Unibet en Jack’s Casino, waardoor Sagevas conform artikel 4.3 van de Overeenkomst een
indemnityvan € 25.000,00 aan FC Afkicken verschuldigd is. Wat betreft Unibet wijst Sagevas op podcasts uit deze periode waarin een aankondiging te horen is dat de podcasts mede mogelijk worden gemaakt door Unibet. Wat betreft Jack’s Casino wijst Sagevas op e-mailcorrespondentie tussen FC Afkicken en Jack’s Casino van vóór de totstandkoming van de Overeenkomst en een e-mail vanuit Jack’s Casino van 23 september 2021 (drie dagen na de totstandkoming van de Overeenkomst) waarin Jack’s Casino voorstelt om een samenwerking te testen.
4.29.
FC Afkicken bestrijdt dat zij de overeengekomen exclusiviteit heeft geschonden. FC Afkicken heeft een overeenkomst tussen FC Afkicken en Unibet overgelegd van 22 maart 2023 (bijna een half jaar na de brief waarin Sagevas de Overeenkomst heeft beëindigd), waaruit blijkt dat er sprake is van
preroll-advertising. Bij deze standaardmarketingmethode wordt een reclameboodschap achteraf en middels een technische vorm automatisch in alle bestaande audiocontent gevoegd. Daardoor is ook oudere content van een reclameboodschap van Unibet voorzien. Ten tijde van de termijn van de Overeenkomst was dit echter niet zo. Wat betreft Jack’s Casino heeft FC Afkicken in aanloop naar de verruiming van de kansspelmarkt met meerdere partijen gesproken, waarna zij ervoor heeft gekozen met Sagevas in zee te gaan. Nergens blijkt uit dat FC Afkicken nadien zelf nog contact heeft gehad met Jack’s Casino. Uit de e-mail van Jack’s Casino van september 2022 blijkt ook niet dat er gedurende de looptijd van de Overeenkomst overleg heeft plaatsgevonden tussen FC Afkicken en Jack’s Casino, aldus steeds FC Afkicken.
4.30.
De rechtbank stelt vast dat Sagevas geen verweer heeft gevoerd tegen het door FC Afkicken gestelde manier van
preroll-advertising. Daarnaast wordt FC Afkicken in haar standpunt gevolgd dat de correspondentie van Jack’s Casino slechts een eenzijdig voorstel is tot het voeren van gesprekken, terwijl nergens uit blijkt dat deze gesprekken daadwerkelijk hebben plaatsgevonden. Dat betekent dat niet is vast komen te staan dat FC Afkicken de exclusiviteitsverplichtingen heeft geschonden. Er is daardoor geen grond voor toewijzing van de vordering tot betaling van € 25.000,00.
Geen nadere schriftelijke ronde
4.31.
Sagevas heeft verzocht om een nadere schriftelijke reactie op de door FC Afkicken ingediende aanvullende producties. De rechtbank wijst dit verzoek af. Anders dan Sagevas heeft aangevoerd, zijn de aanvullende producties ingediend binnen de daarvoor in het toepasselijke procesregelement gestelde termijn. Zij volgt Sagevas niet in haar standpunt dat het om dermate uitvoerige stukken gaat, dat deze niet zonder haar nadere schriftelijke reactie zouden mogen worden toegelaten. De rechtbank stelt daarbij voorop dat zij bij haar oordeel vrijwel uitsluitend gebruik heeft gemaakt van stukken die reeds in het bezit van Sagevas waren. De door FC Afkicken overgelegde stukken betreffen immers grotendeels onderlinge correspondentie. De rechtbank acht Sagevas in staat geweest zich in ieder geval daarop voor te bereiden binnen de in het procesreglement gestelde termijn. Slechts een e-mail van Jack’s Casino was nog niet in haar bezit. Nu Sagevas haar stelling omtrent de schending van de exclusiviteitsafspraak ter zitting juist zelf op deze e-mail heeft gebaseerd, gaat de rechtbank ervan uit dat Sagevas zich hierover voldoende heeft kunnen uitlaten.
Conclusie
4.32.
Het bovenstaande betekent dat de vorderingen van Sagevas worden afgewezen. FC Afkicken hoeft de ontvangen € 420.000,00 niet terug te betalen en hoeft ook geen € 25.000,00 aan boete te betalen. De reconventionele vordering van FC Afkicken tot betaling van € 150.000,00 wordt afgewezen.
Opheffing beslag afgewezen
4.33.
Nu de geldvorderingen van Sagevas worden afgewezen, vervalt daardoor krachtens artikel 704 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) van rechtswege het gelegde conservatoir derdenbeslag indien en zodra dit vonnis in kracht van gewijsde gaat. Artikel 705 Rv Pro regelt een aantal gevallen waarin een beslag in ieder geval kan worden opgeheven. De rechtbank volgt Sagevas in haar stelling dat FC Afkicken onvoldoende heeft onderbouwd op welke grond het beslag moet worden opgeheven. Daarom wordt de vordering tot opheffing van het beslag afgewezen.
Proceskosten gecompenseerd
4.34.
Gelet op de uitkomst van de procedure in conventie en reconventie, waarbij zowel de vorderingen van Sagevas als de vorderingen van FC Afkicken worden afgewezen, ziet de rechtbank aanleiding de proceskosten te compenseren. Dat betekent dat beide partijen in conventie en in reconventie de eigen proceskosten dragen en dat zij geen vergoeding hoeven te betalen voor de kosten die de andere partij heeft gemaakt. Dit geldt ook voor de door Sagevas gevorderde beslagkosten.

5.De beslissing

De rechtbank
in conventie
5.1.
wijst de vorderingen van Sagevas af,
in reconventie
5.2.
wijst de vorderingen van FC Afkicken af,
in reconventie en in reconventie
5.3.
compenseert de kosten van de procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,
5.4.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.P.F. de Groot, rechter, bijgestaan door N.T. Weessies, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 27 mei 2026.

Voetnoten

1.De Verordening (EU) Nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2012 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (Brussel I-bis)
2.Verordening (EU) nr. 593/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 17 juni 2008 inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst (Rome I)
3.Verordening (EU) nr. 864/2007 betreffende het recht dat van toepassing is op niet-contractuele verbintenissen (Rome II)
4.Vgl. Hoge Raad 8 juli 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ1684.