Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
Regional Court Harmanli,Bulgarije (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
1.Procesgang
2.Identiteit van de opgeëiste persoon
3.Grondslag en inhoud van het EAB
definition N: 618) van 1 oktober 2025 met betrekking tot de
General Criminal Case N: 67/2025 in compliance to the inventory of RC – Harmanli.
4.Strafbaarheid
5.Weigeringsgrond als bedoeld in artikel 6 OLW Pro
5.Weigeringsgrond als bedoeld in artikel 9 OLW Pro: ne bis in idem
6.Artikel 11 OLW Pro: Bulgaarse detentieomstandigheden
European Committee for the Prevention of Torture and Inhuman or Degrading Treatment or Punishment(CPT) van 26 maart 2015 geoordeeld dat in het algemeen een reëel gevaar bestaat dat personen die in Bulgarije zijn gedetineerd onmenselijk of vernederend worden behandeld, in de zin van artikel 4 van Pro het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (Handvest). [5] Bij uitspraak van 11 februari 2020 heeft de rechtbank geoordeeld dat het CPT-rapport van 4 mei 2018, naar aanleiding van bezoeken tussen 25 september 2017 en 6 oktober 2017, niet tot een ander oordeel leidt. [6] Dit geldt eveneens ten aanzien van het CPT-rapport van 18 oktober 2022. [7]
Minister of Justicevan Bulgarije is onder meer de volgende informatie opgenomen:
7.Slotsom
8.Toepasselijke wetsartikelen
9.Beslissing
[opgeëiste persoon]aan
the Regional Court Harmanli,Bulgarije, voor het feit zoals dat is omschreven in onderdeel e) van het EAB.