Uitspraak
1.Procesverloop
2.Beoordeling
zes weken.
3.Beslissing
.
Rechtbank Amsterdam
De rechtbank Amsterdam behandelde op 8 juni 2026 het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) tot machtiging van voortzetting van inbewaringstelling van een betrokkene met een psychogeriatrische aandoening, geboren in 1952. De betrokkene vertoonde ernstig agressief gedrag, waaronder bedreiging en fysiek geweld jegens zijn echtgenote en dochter, en veroorzaakte gevaar voor zichzelf en anderen.
De burgemeester had op 3 juni 2026 een last tot inbewaringstelling afgegeven vanwege onmiddellijk dreigend ernstig nadeel. Incidenten zoals het grijpen naar de keel van zijn echtgenote, dreigen met een mes en agressief gedrag richting kinderen maakten voortzetting noodzakelijk. De betrokkene weigerde vrijwillige opname en dreigde met zelfdoding bij gedwongen opname.
De raadsman verzocht om afwijzing en alternatieven zoals thuiszorg, maar de specialist ouderengeneeskunde stelde dat het om een gedragsprobleem gaat waarvoor thuiszorg onvoldoende is. De thuissituatie werd als onveilig beoordeeld en de dochter was overbelast.
De rechtbank oordeelde dat aan de wettelijke criteria voor voortzetting van de inbewaringstelling was voldaan en verleende de machtiging tot en met 20 juli 2026. De beschikking werd mondeling gegeven door rechter F.P. Lauwaars en schriftelijk uitgewerkt op 15 juni 2026.
Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling tot en met 20 juli 2026 wegens gedragsproblemen en gevaar voor betrokkene en omgeving.