ECLI:NL:RBAMS:2026:6288
Rechtbank Amsterdam
- Rekestprocedure
- Rechtspraak.nl
Beslissing tot teruggave van inbeslaggenomen telefoons wegens ontbreken strafvorderlijk belang
Op 25 januari 2026 zijn in het strafrechtelijk onderzoek tegen klager twee Samsung telefoons in beslag genomen. Klager heeft op 16 februari 2026 een klaagschrift ingediend gericht op teruggave van deze telefoons. Het Openbaar Ministerie heeft geen bezwaar gemaakt tegen de teruggave en heeft aangegeven dat de telefoons zullen worden teruggegeven.
De rechtbank heeft het klaagschrift op 13 mei 2026 in openbare raadkamer behandeld. Klager was niet aanwezig, maar zijn gemachtigde advocaat en de officier van justitie zijn gehoord. De rechtbank heeft geoordeeld dat zij bevoegd is en dat klager ontvankelijk is in het beklag, omdat het klaagschrift binnen twee jaar na inbeslagneming is ingediend.
De rechtbank heeft vervolgens beoordeeld of het belang van de strafvordering het voortduren van het beslag vordert. Gezien de verklaring van de officier van justitie dat het strafvorderlijk belang niet langer bestaat, en het feit dat de telefoons voldoende aannemelijk aan klager toebehoren, heeft de rechtbank het beklag gegrond verklaard en de teruggave van de telefoons gelast.
De beslissing is op 13 mei 2026 in het openbaar uitgesproken door rechter R.A. Overbosch. Tegen deze beslissing staat beroep in cassatie open voor zowel klager als het Openbaar Ministerie binnen veertien dagen na betekening respectievelijk dagtekening.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beklag gegrond en gelast de teruggave van de inbeslaggenomen telefoons aan klager.