ECLI:NL:RBAMS:2026:6290
Rechtbank Amsterdam
- Rekestprocedure
- Rechtspraak.nl
Teruggave rijbewijs na inhouding wegens rijden onder invloed
Op 21 maart 2026 werd klager betrapt op rijden onder invloed met een ademalcoholgehalte van 640 microgram per liter uitgeademde lucht, ruim boven de wettelijke limiet van 220 microgram. Naar aanleiding hiervan werd het rijbewijs van klager ingevorderd en door het Openbaar Ministerie voor vier maanden onder zich gehouden.
Klager diende op 22 april 2026 een klaagschrift in bij de rechtbank Amsterdam met het verzoek om teruggave van zijn rijbewijs, omdat hij dit dringend nodig heeft voor zijn werk als taxichauffeur en ZZP’er in de bouw. Het Openbaar Ministerie stond niet op tegen teruggave per 21 mei 2026 of zelfs eerder.
De rechtbank oordeelde dat de inhouding van het rijbewijs rechtmatig was, maar gelet op het persoonlijke belang van klager en het ontbreken van eerdere veroordelingen wegens rijden onder invloed, achtte zij het redelijk om het rijbewijs terug te geven. De rechtbank verklaarde het beklag gegrond en gelast de teruggave van het rijbewijs, met de kanttekening dat een eventuele latere strafzaak alsnog tot een rijontzegging kan leiden.
Uitkomst: De rechtbank gelast de teruggave van het rijbewijs aan klager ondanks de eerdere inhouding wegens rijden onder invloed.