ECLI:NL:RBAMS:2026:6292
Rechtbank Amsterdam
- Rekestprocedure
- Rechtspraak.nl
Afwijzing van het beklag tegen inbeslagname van telefoon in strafrechtelijk onderzoek
In deze zaak heeft de klager, tevens beslagene, een beklag ingediend tegen de inbeslagname van zijn iPhone op grond van artikel 94 Sv Pro. De telefoon werd op 23 februari 2026 in beslag genomen in het kader van een strafrechtelijk onderzoek naar diefstal met geweld in vereniging. Klager stelde dat de telefoon recent was aangeschaft en dat het Openbaar Ministerie voldoende tijd had gehad om de telefoon te onderzoeken, waardoor teruggave gerechtvaardigd zou zijn.
De rechtbank oordeelde dat het onderzoek naar de telefoon nog gaande is en dat het strafvorderlijk belang van waarheidsvinding zich verzet tegen teruggave. Dit omdat relevante informatie via iCloud kan zijn overgezet en klager zijn toegangscode niet heeft verstrekt, waardoor het onderzoek vertraging oploopt. De rechtbank benadrukte dat bij een beklagprocedure een summiere toetsing plaatsvindt en dat het voortduren van het beslag gerechtvaardigd is zolang het belang van strafvordering dit vereist.
Daarom verklaarde de rechtbank het beklag ongegrond en wees de teruggave van de telefoon af. Tegen deze beslissing staat beroep in cassatie open voor zowel klager als het Openbaar Ministerie.
Uitkomst: Het beklag tegen de inbeslagname van de telefoon wordt ongegrond verklaard en de teruggave wordt afgewezen.