Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBAMS:2026:6501

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
24 juni 2026
Publicatiedatum
25 juni 2026
Zaaknummer
13/117289-26
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste en enige aanleg
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2 OLWArt. 4 HandvestArt. 5 OLWArt. 7 OLWArt. 11 OLW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toestemming overlevering opgeëiste persoon naar Portugal ondanks detentieomstandigheden

De rechtbank Amsterdam behandelde op 24 juni 2026 het verzoek tot overlevering van een opgeëiste persoon aan Portugal op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). De opgeëiste persoon wordt verdacht van medeplegen van mishandeling en diefstal met geweld, waarvoor een resterende vrijheidsstraf van achttien maanden moet worden uitgezeten.

Hoewel de rechtbank eerder een algemeen reëel gevaar aannam voor onmenselijke behandeling in de Portugese detentie-instellingen van Lissabon, Caxias en Setúbal, ontkrachtte een recent rapport dit niet. De uitvaardigende autoriteit verstrekte echter een garantie dat de opgeëiste persoon niet in deze instellingen zal worden gedetineerd, maar in een andere gevangenis.

De rechtbank concludeerde dat deze garantie het algemene gevaar uitsluit voor de opgeëiste persoon en dat de detentieomstandigheden geen beletsel vormen voor overlevering. Het EAB voldoet aan de wettelijke eisen en er zijn geen weigeringsgronden. Daarom werd de overlevering toegestaan.

De uitspraak is gedaan door de rechtbank Amsterdam, waarbij geen hoger beroep mogelijk is. De zaak betreft een belangrijke afweging tussen mensenrechtenbescherming en internationale samenwerking in strafzaken.

Uitkomst: De rechtbank Amsterdam staat de overlevering van de opgeëiste persoon aan Portugal toe vanwege verstrekte garantie dat hij niet in problematische detentie-instellingen zal worden geplaatst.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13-117289-26
Datum uitspraak: 24 juni 2026
UITSPRAAK
op de vordering van 24 april 2026 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). [1]
Dit EAB is uitgevaardigd op 9 december 2025 door de
Judicial Court of the Judicial District of Porto (Tribunal Judicial da Comarca do Porto) – CENTRAL CRIMINAL COURT OF VILA NOVA DE GAIA (JUIZO CENTRAL CRIMINAL DE VILA NOVA DE GAIA, Portugal(hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
[de opgeëiste persoon] ,
geboren op [geboortedag] 1996 op een onbekende plaats,
zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,
nu gedetineerd in [detentieplaats] ,
hierna ‘de opgeëiste persoon’.

1.Procesgang

De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 10 juni 2026, in aanwezigheid van mr. K. van der Schaft, officier van justitie. De opgeëiste persoon is, conform de door hem ondertekende afstandsverklaring van 10 juni 2026, niet verschenen en is vertegenwoordigd door zijn gemachtigde raadsman, mr. T. Geerdink, advocaat in Borne.
De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd. [2]
Tevens heeft de rechtbank voor sluiting van het onderzoek ter zitting de gevangenhouding bevolen.

2.Identiteit van de opgeëiste persoon

De rechtbank heeft de identiteit van de opgeëiste persoon onderzocht en vastgesteld dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat de opgeëiste persoon de Portugese nationaliteit heeft.

3.Grondslag en inhoud van het EAB

Het EAB, in samenhang gelezen met het A-formulier, vermeldt als nationaal aanhoudingsbevel een
Collective Common Plea of the Judicial Court of the Judicial District of Porto - Criminal Central Court of Vila Nova de Gaiavan 17 oktober 2024 met kenmerk No. 1776/16.9PAVNG.
Het EAB vermeldt dat de opgeëiste persoon in persoon is verschenen bij het proces dat tot de beslissing heeft geleid.
De overlevering wordt verzocht ten behoeve van de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf voor de duur van achttien maanden, door de opgeëiste persoon te ondergaan op het grondgebied van de uitvaardigende lidstaat. De vrijheidsstraf resteert in het geheel. De vrijheidsstraf is aan de opgeëiste persoon opgelegd bij het hiervoor genoemde vonnis.
Dit vonnis betreft de feiten zoals die zijn omschreven in het EAB. [3]

4.Strafbaarheid: feiten waarvoor dubbele strafbaarheid is vereist

De uitvaardigende justitiële autoriteit heeft de feiten niet aangeduid als feiten waarvoor het vereiste van toetsing van dubbele strafbaarheid niet geldt. Overlevering kan in dat geval worden toegestaan, indien voldaan wordt aan de eisen die in artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b, OLW zijn neergelegd.
De rechtbank stelt vast dat hieraan is voldaan.
De feiten leveren naar Nederlands recht op:
medeplegen van mishandeling;
diefstal, vergezeld van geweld, met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, in vereniging, meermalen gepleegd.

5.Artikel 11 OLW Pro: Portugese detentieomstandigheden

Inleiding
Bij uitspraak van 6 april 2021 [4] heeft de rechtbank een algemeen reëel gevaar aangenomen dat personen die in Portugal in de detentie-instellingen van Lissabon, Caxias en Setúbal zijn gedetineerd, onmenselijk of vernederend worden behandeld, zoals bedoeld in artikel 4 van Pro het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (hierna: Handvest). In het rapport van de
European Committee for the Prevention of Torture and Inhuman or Degrading Treatment or Punishment(CPT) gepubliceerd in 2023 – waarbij Caxias en Setúbal anders dan Lissabon niet zijn bezocht – is het aangenomen algemeen reëel gevaar niet ontkracht. De rechtbank gaat dan ook nog steeds uit van een algemeen reëel gevaar in de zin van artikel 4 Handvest Pro voor deze drie detentie-instellingen.
Op 11 mei 2026 heeft de uitvaardigende justitiële autoriteit de volgende garantie verstrekt:
"Seen - on 05th may 2026, with the information, in view of the email received from Amsterdam, regarding the extradition of the convict [de opgeëiste persoon] , by phone with Dra. Ana astro to the Director-General of Prison Services - DESEMPL - Lisbon - I informed about your email, as she requested it be forwarded to that Director, which was done immediately as she acknowledged the entire content. Subsequently, she informed that the extradition of the above-mentioned convict will be arranged in order for him to be transferred to another Prison Establishment (according to the declaration of commitment/guarantee contained in the email) that is not the Lisbon/Caxias or Setúbal Prison. Ordered by Your Excellency(s), find apppropriete[sic]
(in this legal subject)."
Standpunt van de raadsman
De raadsman neemt geen standpunt in ten aanzien van artikel 11 OLW Pro.
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat artikel 11 OLW Pro niet aan de overlevering in de weg staat, omdat de detentiegarantie het algemene gevaar voor de opgeëiste persoon wegneemt. De officier van justitie verwijst hierbij naar een uitspraak van de rechtbank. [5]
Oordeel van de rechtbank.
De rechtbank is, gelet op de op 11 mei 2026 afgegeven garantie, van oordeel dat er voor de opgeëiste persoon na overlevering geen reëel gevaar bestaat van een onmenselijke of vernederende behandeling in de zin van artikel 4 Handvest Pro. Het algemene gevaar dat de rechtbank ten aanzien van de detentie-instellingen van Lissabon, Caxias en Setúbal heeft aangenomen, wordt door de garantie uitgesloten ten aanzien van de opgeëiste persoon, nu hij daar niet zal worden gedetineerd. Daarom vormen de detentieomstandigheden geen beletsel voor overlevering.

6.Slotsom

De rechtbank stelt vast dat het EAB voldoet aan de eisen van artikel 2 OLW Pro. Verder staan geen weigeringsgronden aan de overlevering in de weg en is geen sprake van een geval waarin aan het EAB geen gevolg mag worden gegeven. Om die reden staat de rechtbank de overlevering toe.

7.Toepasselijke wetsbepalingen

De artikelen 300 en 312 Wetboek van Strafrecht en 2, 5 en 7 OLW.

8.Beslissing

STAAT TOEde overlevering van
[de opgeëiste persoon]aan de
Judicial Court of the Judicial District of Porto (Tribunal Judicial da Comarca doPorto) – CENTRAL CRIMINAL COURT OF VILA NOVA DE GAIA (JUIZO CENTRAL CRIMINAL DE VILA NOVA DE GAIA),Portugal voor de feiten zoals die zijn omschreven in onderdeel e) van het EAB.
Deze uitspraak is gedaan door
mr. O.P.M. Fruytier, voorzitter,
mrs. L. Baroud en A.B.M. Wijnveldt, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. G.S. Haas, griffier,
en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 24 juni 2026.
Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.

Voetnoten

1.Zie artikel 23 Overleveringswet Pro.
2.Zie artikel 22, eerste en derde lid, OLW.
3.Zie onderdeel e) van het EAB.
4.Rb. Amsterdam 6 april 2021, ECLI:NL:RBAMS:2021:1627.
5.Rb. Amsterdam 5 februari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:1335.