Uitspraak
1.De procedure
- de oorspronkelijke dagvaarding van 2 april 2025, met producties, van [eiser] ,
- het vonnis van 15 mei 2025, waarin de huurovereenkomst is ontbonden en waarin [gedaagde] bij verstek is veroordeeld tot ontruiming van het gehuurde, en waarin [eiser] in de gelegenheid is gesteld om zich bij akte uit te laten, met de opdracht die akte en het vonnis aan [gedaagde] te sturen,
- de akte uitlaten van de zijde van [eiser] , met producties,
- een antwoordakte van [gedaagde] ,
- een instructievonnis waarin een mondelinge behandeling is bepaald,
- de verzetdagvaarding van 8 juli 2025, met producties, van [gedaagde] ,
- een instructievonnis dagbepaling,
- de aanvullende producties van de zijde van [eiser] .
2.Inleiding
3.De beoordeling
€ 513,24 en is de huur vervolgens drie keer verhoogd. Uit de toelichting van [gedaagde] en de overgelegde huurverhogingsbrieven volgt dat de huur per 1 juli 2022 met € 11,80 (2,3%), per 1 juli 2023 met € 16,28 (3,1%) en per 1 juli 2024 met € 31,40 (5,80%) is. De huurverhogingen komen overeen met de destijds geldende maximale verhogingen voor niet-geliberaliseerde woningen.