ECLI:NL:RBAMS:2026:7406
Rechtbank Amsterdam
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schorsing tenuitvoerlegging ontruimingsvonnis wegens belangenafweging
In deze zaak vordert de bewindvoerder schorsing van de tenuitvoerlegging van een ontruimingsvonnis totdat op de bodemprocedure of hoger beroep is beslist. De kantonrechter beoordeelt of de uitvoerbaar bij voorraad verklaring in het vonnis van 9 juni 2026 voldoende is gemotiveerd.
Hoewel de uitvoerbaar bij voorraad verklaring niet afzonderlijk is gemotiveerd, is in het vonnis een uitgebreide belangenafweging gemaakt. Hierbij is nadrukkelijk rekening gehouden met de gevolgen van ontruiming voor de huurder, die mogelijk psychische hulp ontvangt en zijn thuisplek moet verlaten. De belangen van de huurder zijn afgewogen tegen het belang van Ymere bij handhaving van haar zerotolerancebeleid tegen drugsproductie.
De kantonrechter oordeelt dat deze belangenafweging als motivering van de uitvoerbaarheid bij voorraad kan worden beschouwd. Er zijn geen nieuwe feiten of omstandigheden die een afwijking van de eerdere beslissing rechtvaardigen. Ook bij een nieuwe belangenafweging wegen de belangen van Ymere zwaarder vanwege de aanwezigheid van een professionele hennepkwekerij in de woning.
Daarom worden de vorderingen van de bewindvoerder afgewezen en wordt hij veroordeeld in de proceskosten. De ontruiming zal uiterlijk op 7 juli 2026 plaatsvinden.
Uitkomst: De vorderingen tot schorsing van de ontruiming worden afgewezen en de ontruiming zal uiterlijk op 7 juli 2026 plaatsvinden.