Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
premie
Rechtbank Amsterdam
Gedaagde huurt sinds 1998 een winkelruimte van eiser en heeft jarenlang de huurverhogingen niet betaald, ondanks jaarlijkse aanzeggingen. Eiser verzocht de kantonrechter om een deskundige te benoemen die de marktconforme huurprijs vaststelt. De deskundige adviseerde een huurprijs van €1.502,37 per maand per 1 juli 2024.
Gedaagde betwistte de huurverhogingen vanwege vermeende gebreken aan de winkel, maar kon dit onvoldoende onderbouwen. Het onderzoeksrapport toonde aan dat de pui niet gebrekkig was, maar onjuist gebruikt werd. De kantonrechter oordeelde dat gedaagde gehouden is de huurovereenkomst na te komen, ook al gebruikt hij de winkel niet meer zelf.
De kantonrechter stelde de huurprijs vast op het deskundigenadvies en veroordeelde gedaagde tot betaling van de huurachterstand van €12.712,84 over 2020-2025, de achterstallige verzekeringspremie van €3.262,12, buitengerechtelijke incassokosten gematigd tot €934,73, en de proceskosten van €6.128,77. De huurovereenkomst werd ontbonden en gedaagde moet de winkel binnen zeven dagen ontruimen en de sleutels overdragen. Tot ontruiming moet gedaagde een gebruiksvergoeding betalen van €1.552,56 per maand.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden, de huurprijs vastgesteld op €1.502,37 per maand, en gedaagde veroordeeld tot betaling van huurachterstand, kosten en ontruiming van de winkel.