Uitspraak
gevestigd te Zoetermeer,
gevestigd te Zoetermeer,
gevestigd te Zoetermeer,
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
28 juni 2013.
Hoge Raad
In deze zaak stond de vraag centraal welke rente toegepast moet worden bij de vermeerdering van buitengerechtelijke incassokosten. De Rabobank had tegen Desenco een procedure gevoerd over de incassokosten en de daarbij te rekenen rente. Het hof had de incassokosten vermeerderd met de wettelijke handelsrente zoals bedoeld in art. 6:119a BW.
De Hoge Raad oordeelde dat buitengerechtelijke incassokosten als vermogensschade moeten worden aangemerkt en dat de wettelijke handelsrente uitsluitend ziet op verplichtingen uit handelsovereenkomsten. Daarom is de wettelijke handelsrente niet van toepassing op de incassokosten, maar dient de wettelijke rente ex art. 6:119 BW Pro te worden toegepast.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof voor zover het de handelsrente toepaste en stelde zelf vast dat de incassokosten moeten worden vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 15 februari 2008 tot aan de dag der voldoening. Tevens werd Rabobank veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: De Hoge Raad bepaalt dat buitengerechtelijke incassokosten moeten worden vermeerderd met de wettelijke rente ex art. 6:119 BW en niet met de wettelijke handelsrente ex art. 6:119a BW.