ECLI:NL:RBARN:2001:AB2113
Rechtbank Arnhem
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening voor opvang asielzoekers met rechtmatig verblijf
Verzoekers, van Turkse nationaliteit, dienden een aanvraag tot toelating als vluchteling in en verzochten opvang op grond van de Regeling verstrekkingen asielzoekers 1997 (Rva 1997). Verweerder nam niet tijdig een besluit op dit verzoek, wat door verzoekers werd opgevat als een weigering.
De rechtbank oordeelt dat het niet tijdig beslissen gelijkstaat aan een weigering en dat verzoekers rechtmatig verblijf genieten op grond van artikel 8, aanhef en onder g, van de Vreemdelingenwet 2000. Dit verblijf wordt gelijkgesteld aan een rechtmatig verblijf in de zin van het Europees Verdrag betreffende sociale en medische bijstand (EVSMB).
Gelet op het beleid en het EVSMB is de weigering om opvang te verlenen in strijd met het verdrag. De rechtbank gelast verweerder om met onmiddellijke ingang opvang te verlenen totdat het bezwaar is afgehandeld en legt een termijn voor het nemen van een besluit. Verweerder wordt tevens veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Verweerder wordt gelast verzoekers met onmiddellijke ingang opvang te verlenen en binnen een week een besluit te nemen.