ECLI:NL:RBARN:2002:AF1521
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen stilzwijgende verlenging arbeidsovereenkomst na einde jaarcontract voor WW-uitkering
Eiser was werkzaam bij werkgever X op basis van een contract voor bepaalde tijd dat eindigde op 23 januari 2001. Na afloop van dit contract heeft eiser nog enkele uren gewerkt, wat door werkgever en eiser als een misverstand werd beschouwd vanwege taalproblemen. Verweerder stelde dat het contract stilzwijgend was verlengd, waardoor eiser niet als werkloos kon worden aangemerkt en geen WW-uitkering zou krijgen.
De rechtbank heeft beoordeeld of er sprake was van een stilzwijgende voortzetting van de arbeidsovereenkomst. Uit de brief van werkgever en het feit dat eiser zich had aangemeld bij het Centrum Werk & Inkomen en een WW-aanvraag had ingediend, blijkt dat partijen de overeenkomst niet wilden voortzetten. Het incidenteel werken na afloop van het contract werd door beide partijen als vergissing gezien.
Daarom oordeelt de rechtbank dat het bestreden besluit van verweerder, waarin de WW-uitkering werd geweigerd, niet standhoudt en vernietigt dit besluit. Verweerder wordt veroordeeld tot het nemen van een nieuw besluit en tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het besluit tot weigering van de WW-uitkering en beveelt een nieuw besluit te nemen.