ECLI:NL:RBARN:2005:AT8716
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bewijslevering en aflossing schuld op grond van notariële akte en getuigenverklaringen
In deze civiele procedure stond de vraag centraal of [betrokkene 3] haar schuld aan [gedaagde 1] had afgelost door diverse betalingen, waaronder een betaling aan Schuiteman Accountants en meerdere contante betalingen in 2002.
De rechtbank nam getuigenverhoren af en beoordeelde diverse bewijsstukken, waaronder bankafschriften, stortingsbewijzen en een notariële akte. Uit het bewijs bleek dat een bedrag van € 6.262,95 op 22 oktober 2002 door [betrokkene 3] op de bankrekening van [gedaagde 1] was gestort ter aflossing van de schuld. Andere contante betalingen werden betwist en moesten nog nader worden bewezen.
De rechtbank oordeelde dat de notariële akte dwingende bewijskracht heeft voor de waarnemingen van de notaris, maar dat de inhoud van de verklaringen daarin vrije bewijskracht heeft. De vordering van [eiser 1] tot betaling van € 7.100,- plus rente werd toegewezen, aangezien daartegen geen verweer was gevoerd.
De procedure werd aangehouden voor het horen van getuigen over de overige contante betalingen en verdere bewijslevering. Hoger beroep is slechts mogelijk samen met het eindvonnis.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van € 7.100,- plus rente toe en staat bewijslevering toe voor overige contante betalingen ter aflossing van de schuld.