ECLI:NL:RBARN:2005:AU4402
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergrijpboete terecht opgelegd voor niet-betaalde BPM bij gebruik Duitse auto op openbare weg
Eiser, een autohandelaar, werd op 24 februari 2003 betrapt op het rijden met een in Duitsland geregistreerde auto zonder dat de BPM was betaald. Hoewel de BPM later werd voldaan, stelde de Belastingdienst een naheffingsaanslag en een vergrijpboete vast wegens grove schuld. Eiser voerde aan dat hij handelaarskentekenplaten had en dat de boete onterecht was.
De rechtbank stelde vast dat eiser als autohandelaar bewust was van de verplichting om BPM te betalen voordat de auto op de openbare weg werd gebruikt. Eiser had niet aannemelijk gemaakt dat hij de auto met een geldig handelaarskenteken reed, noch dat het gebruik bedrijfsmatig was. De boete werd daarom terecht opgelegd.
De rechtbank matigde de boete vanwege overschrijding van de redelijke termijn met 10 procent, waardoor de boete werd vastgesteld op € 2.874. De procedurefout van de Belastingdienst was niet voldoende om de boete te laten vervallen. Daarnaast werd het betaalde griffierecht deels vergoed.
Uitkomst: De rechtbank stelde de vergrijpboete vast op € 2.874 wegens grove schuld bij niet-betaling BPM.