ECLI:NL:RBARN:2006:AY0497
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Voordeelstoerekening bij arbeidsongeschiktheidsverzekering en inkomensschade na aanrijding
Op 19 februari 1999 raakte eiseres betrokken bij een aanrijding waarbij zij arbeidsongeschikt werd. De aansprakelijke partij was verzekerd bij Univé, die de schadevergoeding erkende, inclusief inkomensschade. Eiseres had bij Movir een arbeidsongeschiktheidsverzekering afgesloten die uitkeringen deed na haar arbeidsongeschiktheid.
Er ontstond een geschil over de vraag of de door Movir uitgekeerde bedragen in mindering mochten worden gebracht op de schadevergoeding van Univé. Eiseres stelde dat het een sommenverzekering betrof, waardoor Movir niet gesubrogeerd was in haar rechten jegens Univé. Univé betwistte dit en stelde dat het een schadeverzekering was, waardoor Movir wel gesubrogeerd zou zijn.
De rechtbank oordeelde dat het een sommenverzekering betreft omdat de uitkering vaststaat ongeacht de daadwerkelijke schade, maar dat het redelijk is om de uitkering als voordeel in mindering te brengen op de schadevergoeding volgens artikel 6:100 BW Pro. Tevens achtte de rechtbank het redelijk dat Univé de premies over het jaar waarin het risico zich verwezenlijkte (1999) draagt, omdat zij indirect van de verzekering profiteert.
De rechtbank verwierp het standpunt van eiseres dat de premies als schadebeperkende kosten op grond van artikel 6:96 lid 2 sub a BW Pro voor vergoeding in aanmerking komen. De zaak werd aangehouden voor nader bewijs over de betaalde premie in 1999 en verdere beslissing.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat de uitkering uit de arbeidsongeschiktheidsverzekering als voordeel in mindering mag worden gebracht op de schadevergoeding, met aftrek van de premie over het jaar van het risico, en houdt de zaak aan voor nader bewijs over de premiebetaling.