ECLI:NL:RBARN:2007:BA1755
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling schadevergoeding na ongeval met knie- en nekklachten en bedrijfsbeëindiging
De rechtbank Arnhem behandelde een civiele zaak waarin eiser schadevergoeding vorderde wegens een ongeval in 1995, waarbij hij orthopedische klachten, met name knie- en nekklachten, had opgelopen. Een deskundigenbericht concludeerde dat de knieklachten vooral in 1998-1999 significant waren, maar daarna geen wezenlijke beperkingen meer gaven. De nekklachten werden bevestigd en leidden tot een functionele invaliditeit van 5%.
De rechtbank stelde vast dat eiser vanwege ernstige knieklachten vanaf eind 1998 zijn werkzaamheden als hovenier niet kon uitvoeren en zijn onderneming daardoor zou hebben gestaakt, ook zonder het ongeval. De door eiser gevorderde arbeidsvermogensschade vanaf 1999 werd daarom afgewezen wegens het ontbreken van causaal verband met het ongeval. De gederfde winst over 1995 tot en met 1998 werd vastgesteld op €62.387,10.
Verder oordeelde de rechtbank dat eiser cognitieve beperkingen niet kon aantonen als gevolg van het ongeval en dat zijn vordering voor verlies aan zelfwerkzaamheid werd beperkt tot een reëel bedrag van circa €3.267,24, rekening houdend met knieklachten die ook zonder ongeval bestonden. De immateriële schadevergoeding werd vastgesteld op €7.500 wegens blijvende invaliditeit. De rechtbank verwees partijen naar de rol voor nadere schadeberekeningen en hield verdere beslissing aan.
Uitkomst: Schadevergoeding toegekend voor gederfde winst tot 1998 en immateriële schade van €7.500, overige vorderingen afgewezen wegens ontbreken causaal verband.