ECLI:NL:RBARN:2007:BB8360
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.J.B. Boonekamp
- A.E.B. ter Heide
- M. Wesselink
- Rechtspraak.nl
Verhaal van compensatievergoeding na stroomstoring door kabelbeschadiging
Continuon vordert vergoeding van herstelkosten en compensatievergoedingen van BR-4 en een aannemingsbedrijf wegens een stroomstoring veroorzaakt door kabelbeschadiging tijdens graafwerkzaamheden. De stroomstoring duurde langer dan vier uur, waardoor Continuon compensatie aan haar afnemers moest betalen volgens de Elektriciteitswet 1998 en de NetCode.
De gedaagden betwisten hun aansprakelijkheid en het verhaal van de compensatievergoedingen. De rechtbank gaat ervan uit dat de gedaagden aansprakelijk zijn voor de kabelbeschadiging, maar onderzoekt of de compensatievergoeding als schade op hen kan worden verhaald.
De rechtbank oordeelt dat de compensatievergoeding een gevolg is van het niet binnen vier uur herstellen van de stroomvoorziening, waarvoor Continuon zelf verantwoordelijk is. Deze vergoeding kan daarom niet zonder meer aan de gedaagden worden toegerekend, tenzij Continuon kan aantonen dat het om een uitzonderlijke stroomstoring ging die ook bij een adequate organisatie niet binnen vier uur verholpen kon worden.
De rechtbank stelt Continuon in de gelegenheid haar stellingen hierover te concretiseren en wijst de zaak naar de rol voor verdere behandeling. Tegen dit vonnis staat tussentijds appel open.
Uitkomst: Continuon kan de compensatievergoeding niet zonder meer verhalen op de aansprakelijke partijen tenzij sprake is van een uitzonderlijke stroomstoring.