ECLI:NL:RBARN:2007:BB8495

Rechtbank Arnhem

Datum uitspraak
9 november 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
21/003767-06
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 38s Sr
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Rechtbank verklaart zich onbevoegd tot tussentijdse beoordeling ISD-maatregel

In deze zaak heeft de rechtbank Arnhem op 9 november 2007 uitspraak gedaan over haar bevoegdheid om een tussentijdse beoordeling te verrichten van een ISD-maatregel die aan de veroordeelde is opgelegd. De ISD-maatregel, een maatregel tot plaatsing in een inrichting voor de opvang van stelselmatige daders, was door het gerechtshof Arnhem bij arrest van 5 februari 2007 opgelegd voor de duur van twee jaren.

De rechtbank heeft kennis genomen van een eerdere beschikking van het gerechtshof Arnhem van 24 september 2007, waarin werd geoordeeld dat de term 'de rechter' in artikel 38s van het Wetboek van Strafrecht verwijst naar de rechter die de maatregel heeft opgelegd. Aangezien de ISD-maatregel in deze zaak door het gerechtshof is opgelegd, acht de rechtbank zich niet bevoegd om de tussentijdse beoordeling te verrichten.

De rechtbank heeft de zaak onderzocht tijdens de terechtzitting van 9 november 2007, waarbij de veroordeelde en diens raadsman aanwezig waren. De rechtbank heeft daarop besloten zich onbevoegd te verklaren tot de tussentijdse beoordeling van de opgelegde ISD-maatregel.

Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd tot tussentijdse beoordeling van de ISD-maatregel.

Uitspraak

RECHTBANK ARNHEM
Sector strafrecht
Meervoudige kamer
Parketnummer : 21/003767-06
Datum zitting : 9 november 2007
Datum uitspraak : 9 november 2007
Tegenspraak
In de zaak van
de officier van justitie in het arrondissement Arnhem
tegen:
naam : [veroordeelde],
geboren op : [geboortedatum] 1966 te [geboorteplaats],
thans gedetineerd in PI Noord, locatie de Grittenborgh te Hoogeveen.
Raadsman : mr. J. Zandberg, advocaat te Zevenaar.
De rechtbank dient een beslissing te nemen naar aanleiding van de door het Gerechtshof te Arnhem bij arrest van 5 februari 2007 gelaste tussentijdse beoordeling van de bij dat arrest aan veroordeelde opgelegde maatregel tot plaatsing in een inrichting voor de opvang van stelselmatige daders (ISD-maatregel)voor de duur van 2 jaren.
De zaak is onderzocht ter terechtzitting van 9 november 2007. Daarbij zijn veroordeelde en diens raadsman mr. J. Zandberg verschenen.
De rechtbank heeft kennis genomen van de beschikking van het Gerechtshof te Arnhem d.d. 24 september 2007 (LJN: BB4549), waarin hij van oordeel is dat met de woorden “de rechter” in de eerste zin van artikel 38s van het Wetboek van Strafrecht gedoeld wordt op de rechter die de maatregel heeft opgelegd.
Nu in casu de ISD-maatregel is opgelegd door het Gerechtshof te Arnhem, acht de rechtbank zich onbevoegd.
BESLISSING
Verklaart zich onbevoegd tot een tussentijdse beoordeling van de ISD-maatregel van [veroordeelde].
Aldus gewezen door:
mr. A.M. van Gorp, rechter, als voorzitter,
mr. C. Lely-van Goch, vice-president,
mr. J.J.H. van Laethem, rechter,
in tegenwoordigheid van mr. Y. Rikken, griffier,
en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 9 november 2007.