ECLI:NL:RBARN:2007:BB8754
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Nietigheid aandelenleaseovereenkomsten en verdeling verlies tussen partijen
De rechtbank Arnhem behandelde een geschil tussen Dexia Bank Nederland N.V. en een gedaagde over aandelenleaseovereenkomsten genaamd Feestplan II en Korting Kado. Dexia vorderde betaling van achterstallige bedragen en rente, terwijl de gedaagde onder meer nietigheid van de overeenkomsten betwistte wegens het ontbreken van een vergunning van Dexia volgens de Wet op het consumentenkrediet (WCK).
De rechtbank oordeelde dat de overeenkomsten krediettransacties zijn en dat Dexia ten tijde van het aangaan van de overeenkomsten niet beschikte over de vereiste vergunning, waardoor de overeenkomsten nietig zijn. Dit leidt ertoe dat de wederzijds verrichte prestaties onverschuldigd zijn en terugbetaald dienen te worden. Echter, naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid is het onaanvaardbaar dat de overeenkomst geheel ten nadele van Dexia teniet wordt gedaan.
Daarom bepaalt de rechtbank dat partijen ieder de helft van het verlies op de aandelen moeten dragen, verminderd met de helft van de door de gedaagde betaalde rentetermijnen. In conventie wordt de helft van het verlies toegewezen aan Dexia, terwijl in reconventie de helft van de betaalde bedragen aan de gedaagde wordt toegewezen. De rechtbank wijst de contractuele rente en buitengerechtelijke kosten af en compenseert de proceskosten, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de overeenkomsten nietig en wijst partijen ieder de helft van het verlies toe, waarbij Dexia een bedrag van €3.407,31 ontvangt en de gedaagde €5.368,60 terugkrijgt.