ECLI:NL:RBARN:2008:BD1103
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid vordering wegens ontbreken deskundigenverklaring en gesloten stelsel rechtsmiddelen
Geopposeerde heeft vanaf november 2000 als horecaportier gewerkt voor opposant. In eerdere procedures werd vastgesteld dat er mogelijk een arbeidsovereenkomst bestond, en werd de arbeidsovereenkomst ontbonden per 19 maart 2004 met een vergoeding. Geopposeerde vorderde loon over perioden waarin hij arbeidsongeschikt zou zijn geweest, maar werd niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een deskundigenverklaring zoals vereist in artikel 7:629a BW.
Geopposeerde startte een nieuwe procedure met dezelfde vorderingen, onderbouwd met een later overgelegd deskundigenoordeel van het UWV. Opposant voerde aan dat deze nieuwe procedure niet ontvankelijk is omdat dezelfde vorderingen reeds onherroepelijk zijn beslist en dat het gesloten stelsel van rechtsmiddelen herhaalde procedures uitsluit.
De kantonrechter oordeelt dat geopposeerde niet ontvankelijk is omdat hij geen hoger beroep heeft ingesteld tegen eerdere vonnissen die kracht van gewijsde hebben gekregen. Het later overleggen van een deskundigenverklaring kan niet leiden tot een nieuwe ontvankelijke procedure. Het verzet tegen het verstekvonnis wordt gegrond verklaard, maar geopposeerde blijft niet-ontvankelijk en wordt veroordeeld in de proceskosten, met uitzondering van de kosten van de verzetdagvaarding.
Uitkomst: Geopposeerde wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn loonvordering wegens het ontbreken van een deskundigenverklaring en het gesloten stelsel van rechtsmiddelen.