ECLI:NL:RBARN:2009:BI3458
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Matiging contractuele boete wegens wanverhouding en niet-naleving ontbindende voorwaarde
Eisers kochten een woning van gedaagden met een koopovereenkomst waarin een boetebeding van 10% van de koopsom was opgenomen bij niet-nakoming. De levering zou plaatsvinden op 31 augustus 2007. Eisers konden geen financiering verkrijgen en deden een beroep op de ontbindende voorwaarde, maar voldeden niet aan de formele eisen voor het tijdig en correct inroepen daarvan. Gedaagden vorderden de volledige boete van 51.700 euro.
De rechtbank oordeelde dat eisers zich wel voldoende hadden ingespannen om financiering te verkrijgen, maar niet tijdig en correct hadden gehandeld volgens de contractuele voorschriften. De makelaar van gedaagden had echter ingestemd met een termijnverlenging, wat voor rekening van gedaagden kwam. Hierdoor zou een correcte inroeping van de ontbindende voorwaarde tot ontbinding zonder boete hebben geleid.
De rechtbank stelde vast dat de werkelijk geleden schade van gedaagden aanzienlijk lager was dan de boete, namelijk circa 9.025 euro, waardoor sprake was van een buitensporige boete. Gezien de omstandigheden en de disproportionaliteit matigde de rechtbank de boete tot de helft, 25.850 euro, en veroordeelde gedaagden tot terugbetaling van het meerdere aan eisers met rente. De proceskosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: De rechtbank matigde de contractuele boete tot 25.850 euro en veroordeelde gedaagden tot terugbetaling van het meerdere met rente.