ECLI:NL:RBARN:2009:BI4799
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling onverschuldigde betaling en verrekening tussen melkveehouder en Campina
In deze civiele procedure staat centraal of Campina onverschuldigde betalingen heeft gedaan aan een voormalige melkveehouder en of zij bevoegd was deze bedragen te verrekenen met melggeld en ledenkapitaal. De melkveehouder was tot eind 2005 lid van Campina en betwistte inhoudingen die Campina had gedaan vanwege het niet voldoen aan KKM-certificeringseisen.
De rechtbank stelt vast dat het arrest van het gerechtshof Arnhem uit 2001, op grond waarvan Campina betaalde, door de Hoge Raad in 2003 is vernietigd. Hierdoor is de rechtsgrond voor de betaling komen te vervallen en heeft Campina op grond van artikel 6:203 BW Pro recht op ongedaanmaking, oftewel terugvordering van het onverschuldigde bedrag.
De rechtbank oordeelt tevens dat Campina bevoegd was tot verrekening van deze vordering met het melggeld en ledenkapitaal van de melkveehouder, omdat deze van rechtswege in verzuim is gesteld zonder dat een ingebrekestelling nodig was. De vorderingen van de melkveehouder worden afgewezen, terwijl Campina wordt veroordeeld tot betaling van wettelijke rente over het onverschuldigde bedrag vanaf de datum van betaling tot aan de verrekening. De proceskosten worden aan de zijde van Campina toegewezen.
Uitkomst: De vordering van de melkveehouder wordt afgewezen en hij wordt veroordeeld tot betaling van wettelijke rente aan Campina over het onverschuldigde bedrag.