ECLI:NL:RBARN:2009:BJ4762
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Klein Egelink
- M.J.P. Heijmans
- J.A. van Schagen
- Rechtspraak.nl
Onverbindendverklaring artikel 28 Verordening Maatschappelijke Ondersteuning wegens strijd met Wmo
Eiseres, visueel gehandicapt met een visus van 15%, verzocht om een vervoerskostenvergoeding op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) vanwege vervoersproblemen buiten de uren waarop openbaar vervoer beschikbaar is. Verweerder wees de aanvraag af op grond van artikel 28 van Pro de Verordening Maatschappelijke Ondersteuning, dat een vergoeding beperkt tot personen die het openbaar vervoer niet kunnen gebruiken of bereiken.
De rechtbank oordeelt dat artikel 28 van Pro de Verordening strijdig is met artikel 4 van Pro de Wmo, omdat het de compensatieplicht van het college beperkt en daarmee de maatschappelijke participatie van personen met een beperking onterecht beperkt. De rechtbank stelt dat de compensatieplicht een resultaatsverbintenis inhoudt om personen in een gelijkwaardige positie te brengen als personen zonder beperkingen.
Daarnaast is vastgesteld dat verweerder niet heeft voldaan aan de onderzoeksplicht ex artikel 3:2 Awb Pro en de motiveringsplicht ex artikel 26 Wmo Pro, omdat geen deugdelijk onderzoek is gedaan naar de noodzaak van de voorziening en onvoldoende is gemotiveerd waarom eiseres niet voldoende gecompenseerd zou zijn.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt verweerder verplicht het betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens strijd met de Wmo en Awb.