ECLI:NL:RBARN:2009:BJ6252
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-toekenning aftrek advocaatkosten en borgstellingsverlies in inkomstenbelasting 2005
Eiser werd in 1998 aansprakelijk gesteld voor belastingschulden van een failliete BV waarin hij bestuurder was. In 2005 maakte hij advocaatkosten voor procedures over deze aansprakelijkstelling. De rechtbank oordeelt dat deze kosten niet aftrekbaar zijn omdat zij niet samenhangen met zijn werkzaamheden in 2005 en de Wet IB 2001 geen overgangsregeling kent voor dergelijke kosten.
Daarnaast betaalde eiser in 2006 een bedrag aan de bank ter aanzuivering van een rekening courant van een andere BV waarvoor hij borg stond. Eiser wilde het verlies hiervan in 2005 als aftrekbaar verlies opvoeren. De rechtbank stelt dat de terbeschikkingstellingsregeling pas ingaat bij feitelijke betaling, dus in 2006, en dat het verlies in 2005 niet aftrekbaar is.
De rechtbank concludeert dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het borgstellingsverlies verband houdt met zijn werkzaamheden als ingenieur. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de aftrek van advocaatkosten en borgstellingsverlies in 2005 wordt afgewezen.