ECLI:NL:RBARN:2009:BK3081
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.C.G.J. van Well
- I. Linssen
- A.I. van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Overdracht klantenbestand zonder recht op bedrijfsfusiefaciliteit wegens ontbrekende adequate tegenprestatie
Eiseres, een coöperatieve vereniging die activiteiten op het gebied van onroerend goed en belastingadvies combineerde, droeg haar klantenbestand per 1 januari 2004 over aan een nieuw opgerichte coöperatieve vereniging. Deze overdracht vond plaats tegen uitreiking van lidmaatschapsrechten in de overnemende coöperatie. Verweerder legde een navorderingsaanslag vennootschapsbelasting op omdat hij vond dat sprake was van een belastbare overdrachtswinst, waarbij de bedrijfsfusiefaciliteit niet van toepassing was.
De kern van het geschil betrof de vraag of de bedrijfsfusiefaciliteit van artikel 14, eerste lid, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 van toepassing was. Eiseres stelde dat de faciliteit van toepassing was omdat de leden van beide coöperaties grotendeels overeenkwamen en de overdracht plaatsvond tegen uitreiking van lidmaatschapsrechten. Verweerder betoogde dat een adequate tegenprestatie ontbrak, waardoor de faciliteit niet toegepast kon worden.
De rechtbank oordeelde dat de bedrijfsfusiefaciliteit slechts geldt indien de overdrager een adequate tegenprestatie ontvangt die tot uitdrukking komt in de waarde van haar lidmaatschapsrechten. In dit geval vertegenwoordigde het lidmaatschapsrecht van eiseres slechts 10% van de goodwill, terwijl 90% van het belang verschoof naar andere leden. Hierdoor ontbrak een adequate tegenprestatie voor eiseres zelf. De rechtbank verwierp het beroep van eiseres en verklaarde het ongegrond.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat eiseres geen recht heeft op toepassing van de bedrijfsfusiefaciliteit wegens het ontbreken van een adequate tegenprestatie.