ECLI:NL:RBARN:2009:BL0605
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheidsvraag kort geding bij arbitragebeding in aannemingsovereenkomst
Remco Ruimtebouw B.V. vordert in kort geding betaling van een voorschot op schadevergoeding van gedaagden, met wie zij een aannemingsovereenkomst sloot voor een nieuwbouwproject. Gedaagden beroepen zich op een arbitragebeding uit de Uniforme Administratieve Voorwaarden (UAV 1989) die van toepassing zijn op de overeenkomst.
De voorzieningenrechter onderzoekt de toepasselijkheid van het arbitragebeding en de vraag of hij bevoegd is kennis te nemen van het geschil. Gelet op het arbitragebeding in § 49 van de UAV 1989 en artikel 1051 lid 2 Rv Pro., verklaart de voorzieningenrechter zich onbevoegd. Daarbij weegt mee dat een arbitraal kort geding bij de Raad van Arbitrage voor de Bouwbedrijven een adequate en snelle voorziening biedt.
Daarnaast overweegt de voorzieningenrechter dat de vorderingen van Remco Ruimtebouw onvoldoende aannemelijk zijn en dat het spoedeisend belang niet concreet is onderbouwd. Remco Ruimtebouw wordt veroordeeld in de proceskosten van gedaagden. Het vonnis is gewezen door mr. R.A. van der Pol en op 10 december 2009 uitgesproken.
Uitkomst: De voorzieningenrechter verklaart zich onbevoegd wegens arbitragebeding en veroordeelt Remco Ruimtebouw in de proceskosten.